Alleen thuis

Het was de maandag in de week van de langste dag van het jaar. ’s Ochtends staakten de Nederlandse Spoorwegen. Desondanks lukte het mijn vrouw vrij eenvoudig om in Haarlem te geraken. Het was zo’n dag dat het rubber van je fietsband samensmolt met het asfalt. ’s Middags haalde ik mijn kinderen op van school. […]

Continue reading →

De baby-olifant in Artis

Warm gemaakt door het verslag van Sylvia Witteman spoedde ik me zodra ik even kon naar Artis om de baby-olifant te zien. De olifanten, een moeder, haar puberdochter en de baby, hadden een nieuwe tuin gekregen, naast hun oude, die nu diende als nachtverblijf. De nieuwe tuin was royaal van opzet: een voor Amsterdam Centrumbegrippen […]

Continue reading →

Een vlotte bevalling

Al weken had ik bronchitis. “Oom dokter” zoals Kees onze huisarts Dr. Promes noemde, had mij verboden thuis te bevallen, laat staan op het drijvende eiland dat ik zelf uit afval in elkaar geknoopt had. Dat was een domper van jewelste op het feestelijke vooruitzicht, dat enkel een dwaze nullipare zoals ik kon koesteren.

Continue reading →

Jonathan

Jonathan is ook een bewoner van het waterplein. Sinds hij hier woont is hij een begrip in ons buurtje. Hij tiranniseert ons namelijk met luidruchtige alsmede nachtelijke feestjes. Voordat u zeur roept 2 woorden: – vuurwerk om 4 uur ‘s nachts – schreeuwend met de hele party in de gracht duiken Dat werk. Vandaag staat […]

Continue reading →

Mijn overbuurvrouw

Mijn overbuurvrouw en ik zijn tientallen jaren geleden tegelijk aan het waterplein komen wonen. Allebei als jonge immigranten, zij uit Anatolië, raad ik aan de uitbundig bedrukte nepzijden hoofddoek, op zn Turks geknoopt, die ze afwijkend genoeg ook binnenshuis draagt als ze alleen is, wat ze meestal is. Ze heeft een man geloof ik, maar […]

Continue reading →

Vet

Er raast een invasie van vet. Het lijf ligt weerloos als Egypte onder één der 10 plagen. Het vet valt uit de lucht door de huid. De huid verdort tot een perkamenten kruik, vol met vet. Het vet kruipt in de zwezerik, in de milt, het plastificeert de lever, vult de organen. Moleculen sterven aan […]

Continue reading →

De spijt van een belabberde moeder

Nederlandse vrouwen worden op de hielen gezeten. Door de overheid, die de helft van zijn bevolking als melkkoe moet missen, door de feministen (“je moet onafhankelijk zijn!”) en door zichzelf (“je bent niets waard als je geen carrière maakt”). Daarbij lijden Nederlandse vrouwen aan het collectieve trauma van “de moeder met de thee.”

Continue reading →

Bloed

Op de eerste tropische dag in het jaar des Heren 2017, zondag 9 april om precies te zijn, terwijl heel Nederland zich op zonovergoten terrassen ophoudt, sta ik vroeg op, doe ik mijn 35 jaar oude rode overal aan en rij met Mijnheer Oud Zeikwijf naar de ligplaats van zelfgeknoopt drijvend eiland de 888.

Continue reading →

Liegen tegen Amnesty International

Bij het IJ-veer werd ik van achteren aangesproken door een gespeeld-joviale verkoopmedewerker van Amnesty International. ‘Hé man, lekker naar Eurosonic geweest een paar jaar geleden?’ Hij wist dat vanwege mijn rugzak. Ik zei dat ik al lid was van Amnesty. Met lid bedoelde ik donateur. Het werkte fantastisch. De jongen stak zijn duim op, mompelde […]

Continue reading →

De kunst van het zweven

Zwevend tussen hoop en vrees was ik mijn stempas kwijt. Normaal vind ik ‘m dan binnen een half uur, maar nu niet. Ik was ervan overtuigd dat ik hem een weekje eerder op de trap had zien liggen. Waarom ik er toen gewoon langs ben gelopen, zijn van die raadselen die van het leven zo’n […]

Continue reading →

De geschiedenis van mijn racisme (2)

Ik groeide op in een dorp waar je een paar Marokkanen had en een enkele Surinamer. Hun ouders werkten in de botverwerkingsfabriek even verderop. De stinkfabriek in de volksmond. Niet omdat er buitenlanders werkten, maar omdat de fabriek een niet te harden stank produceerde die ons hele dorp teisterde als de wind uit het westen […]

Continue reading →

Vooruitgang

Mijn zoon vroeg hoe oud ik was toen ik van mijn ouders mijn eerste telefoon kreeg. Ik moest hier even over nadenken. ‘Vijfentwintig’, zei ik toen maar. ‘Echt?’, zei hij. ‘Nee’, zei ik. En legde uit dat er nog geen mobiele telefoon bestond toen ik jong was. ‘Ja, ze bestonden wel’, zei ik, ‘maar ze […]

Continue reading →

Het goede antwoord

Wij reden naar Valkenburg, mijn dochter bedacht een spel. Raad het goede antwoord. “Oké”, zei ze, “wat is het goede antwoord: verkeersbord, haar, konijn, gras.” Mijn zoon wilde weten wat de vraag was. “De vraag is”, zei mijn dochter, “wat is het goede antwoord?” “Ja maar”, zei hij boos, “wat is de vraag?” “Hoooo”, zei […]

Continue reading →

De ontdekking van de matrix (9)

Wat ik ook nog las tijdens mijn vakantie: De Zevende Functie van Taal van Laurent Binet. Het boek speelt zich af in intellectuele kringen van het Frankrijk eind jaren ’70. De post-structuralisten zijn aan de macht. Hoofdpersoon is een filosofiedocent die gedwongen wordt de dood van Roland Barthes op te helderen. Hij komt in een […]

Continue reading →

De ontdekking van de matrix (7)

Mijn woorden zullen door een aantal mensen worden gelezen om vervolgens tot in de eeuwigheid onzichtbaar te blijven. Dat geldt niet alleen voor mijn woorden, maar ook voor die van pak ‘m beet Franz Kafka. Wellicht wordt die over tienduizend jaar nog gelezen. Maar over honderdduizend jaar alweer heel wat minder. En over tien miljoen […]

Continue reading →

De ontdekking van de matrix (6)

Op de tweede bewolkte dag van onze vakantie waren wij naar de grotten van Villars gegaan. De grotten waren in 1953 ontdekt. De Franse overheid had het verboden om foto’s met flits te maken, om zo de stalactieten en stalagmieten te beschermen. Halverwege kregen we een licht-en-geluidshow voorgeschoteld die de grond deed trillen.   Aan […]

Continue reading →