Spreeuwenwolk

Is er een mooier natuurfenomeen dan een spreeuwenwolk? Het zou kunnen, maar ik ken het niet. Ze scheren momenteel elke dag rond de avondschemering over de daken van mijn straat. Ze rekken zich uit over honderden meters. Krimpen weer in elkaar. Houden hun vleugels tegelijkertijd stil. Duiken naar beneden. Maken een scherpe bocht naar links. […]

Continue reading →

Kattenluikje

Onze kat gromt zachtjes. Ze kijkt naar buiten. Staat op scherp. Oren gespitst. Rechterpootje omhoog. Staart dik. Buiten sluipt een zwarte kat door onze tuin. Als ik opsta om de deur open te doen, ontsnapt er een luide miauw aan haar. Ze rent de keuken in. Ze vlucht, denk ik. Maar nee, ze slaat vier […]

Continue reading →

Klimaatspijbelen

Mijn zoon moest een nieuwsartikeltje uitzoeken om voor te lezen aan de klas. Ik stelde voor dat hij iets over klimaatspijbelen zou doen. Dat zou zijn klasgenoten toch wel moeten aanspreken. Stiekem hoopte ik natuurlijk dat het klimaatspijbelvirus op hen en de rest van de klas zou overslaan, zodat wij hen als een soort menselijk […]

Continue reading →

Leven is loslaten

Ik had een puist. Een flinke jongen. Hij zat aan de achterkant van mijn rechterbovenbeen. Een kleine anderhalf jaar geleden was ik ermee naar de dokter gegaan. Het was een ongevaarlijke puist. Goedaardig. Begonnen als een ingegroeid haartje dat tot een ontstoken talgklier leidde. Of iets in die trant. Het is me verteld, maar ik […]

Continue reading →

Hoogzwanger

Die nacht toen ik mijn bed instapte vroeg ik mijn vrouw of zij wist dat John F. Kennedy twee maanden voor zijn eigen dood vader was geworden van een kind dat 39 uur had geleefd. Ik had aflevering drie en vier over de Kennedy-dynastie gezien. Mijn vrouw zei dat ze sliep. De volgende dag lopen […]

Continue reading →

Bevoorrecht

Afgelopen vrijdag zag ik de tweede aflevering van ´De Kennedy´s, een Amerikaanse Dynastie´, een documentaireserie over De Kennedy´s. Eind jaren ´90 van de vorige eeuw was ik erg geïnteresseerd in de moord op JFK. Met dank aan Oliver Stone’s JFK, Don Delillo’s Liber en met name James Ellroys American Tabloid. In die laatste was Joseph […]

Continue reading →

Het universum

Mijn schoonmoeder doet een keukenkastje open. Een wijnglas tuimelt naar beneden. Kelk eerst. Bovenop een koffiekopje. Zowel koffiekop als wijnglas blijven heel. ‘Het universum is mij de laatste tijd goed gezind’, zegt ze. Ze vertelt over een paar avonden eerder. Ze was aardappeltjes aan het bakken. Tijdens het bakken ging de telefoon. Ze nam op. […]

Continue reading →

Zaterdag

Mijn zoon vraagt hoe ik zaterdag noem. Zaterdag, zeg ik. Hoe jij dan? Zaterdag, zegt hij. Ik zoek een onderbroek voor ’m. Toch gek, zegt hij, dat ik al in de onderbouw heb geleerd dat zaterdag zaterdag heet en dat ik dat woord nog steeds gebruik. Ik zeg ‘m dat dit voor nog veel meer woorden […]

Continue reading →

Kaboutertje Doerak

Kaboutertje Doerak had op de kop van Koning Willem-Alexander gescheten. Dat deed hij zo nu en dan. Vooral als hij boos was. Dit keer was hij boos vanwege de Brexit. Hij had nu eenmaal Schots bloed door zijn aderen stromen. Dat Koning Willem-Alexander helemaal niks met de Brexit te maken had, kwam niet op in […]

Continue reading →

Wijnand Groenink (1913 – 2018)

In zijn woonplaats Waddinxveen is gisteravond de dichter Wijnand Groenink overleden. Groenink werd bekend in de jaren ’30 van de vorige eeuw als huisdichter van de NSB. Onsterfelijk werden de laatste zinnen van het gedicht waarmee hij de jarige Anton Mussert toesprak: ‘Aan de haartjes van zijn kont / Kleeft altijd wel een beetje stront.’ […]

Continue reading →

Dromen onthouden

Toen ik naar bed ging, leek het mij een goed idee eens te beginnen met het onthouden van mijn dromen. Eerlijk gezegd gaf ik mijn voornemen weinig kans. Heel soms lukt het me om een droom bij me te houden, meestal vliegen ze weg voordat ik me realiseer ze vast te moeten pakken. Vannacht droomde […]

Continue reading →

Geen been (3)

‘Heb je het al gehoord’, zei de daklozenkrantverkoper met het baardje, ‘Herman is dood.’ Ik nam aan dat Herman de daklozenkrantverkoper zonder been was. Ik wist niet dat hij Herman heette, maar wie kon het anders zijn? ‘Wat is er gebeurd?’, vroeg ik. ‘Vandaag… Nee morgen precies drie weken geleden. Ik zag het zo gebeuren.’ […]

Continue reading →