Moeders lichaam

De dag voordat wij op het dak zaten, had ik Moeders Lichaam van Joris van Casteren gekocht. Ik was helemaal niet van plan dat boek te kopen, maar ik moest wel. Wij liepen de boekhandel in Amsterdam Noord binnen om een cadeautje te kopen voor een jarige vriendin. Midden in de boekwinkel zat de schrijver op een hoge kruk achter een tafeltje met een stapel boeken. Schrijvers zitten zelden zonder reden op een kruk achter een stapeltje boeken in het midden van een boekwinkel.

Ik wist: zodra ik met Joris van Casteren ga praten, moet ik zijn boeken kopen. Je kan niet met de schrijver gaan praten en dan met iemand anders boek de winkel uit lopen. Ik speelde nog wel even met de gedachte een boek van Tommy Wieringa te pakken en dat dan te laten signeren. Maar ik ben nu eenmaal geen sadist.

Ik vond Joris van Casteren een beetje op Daan Schuurmans lijken. Mijn vrouw zou dit later beamen. Volgens haar is Joris van Casteren een kruising tussen Daan Schuurmans en mij. De overeenkomst tussen Joris van Casteren en mij, is onze kin. Over beter gezegd: ons gebrek aan kin.

Het duurde even voordat ik op de schrijver afstapte. Dat ik het uiteindelijk wel deed, was vooral om de mensheid uit een gênante situatie te redden: druk was het niet, maar er liepen wel wat mensen door de winkel te neuzen en iedereen deed overduidelijk zijn of haar best om de aanwezigheid van de schrijver in het midden zo nonchalant mogelijk te negeren. Ik voelde een enorme behoefte om dit gebrek aan aandacht te compenseren met gemeende interesse. Waarschijnlijk voelde iedereen die behoefte. Er ging dan ook een zucht van verlichting door de boekhandel toen ik de taak op mijn nam ons uit ons collectieve lijden te verlossen.
‘En?’, vroeg ik terwijl ik Moeders Lichaam oppakte, ‘is het een goed boek?’
‘Ik vind van wel’, zei Joris van Casteren.
‘Matthijs van Nieuwkerk ook’, zei ik. Op de voorkant van het boek las ik op een stickertje dat Matthijs van Nieuwkerk het boek even hilarisch als ontroerend vond. Of woorden van gelijke strekking. Joris van Casteren vertelde dat hij samen met de hoofdpersoon naar De Wereld Draait Door was geweest. Ik zei dat ik erover had gehoord maar dat ik het niet had gezien. Ik kijk nu eenmaal het liefst zo min mogelijk naar De Wereld Draait Door. Ook dat bleken Joris van Casteren en ik gemeen te hebben: een afkeer voor De Wereld Draait Door. ‘Maar ja’, zei hij, ‘als je de kans heb om met je boek bij De Wereld Draait Door te gaan zitten, moet je dat doen. Dan verkoop je in één keer dertig keer zo veel.’

Ik kocht geen dertig, maar twee boeken. Oneindig veel meer dan ik van plan was. Beide exemplaren zijn gesigneerd. Lelystad voor de jarige vriendin (jammer genoeg heb ik haar naam verkeerd gespeld), Moeders Lichaam voor mezelf. Heerlijk boek, Matthijs van Nieuwkerk heeft geen woord gelogen.

6 responses

  1. Toen ik zaterdagmiddag in die boekwinkel in Amsterdam noord een exemplaar van Moeders Lichaam verkocht aan een klant zonder kin, was dat geen toeval, ik zat daar om mijn boek te signeren. Ik wist zodra die klant-zonder-kin de winkel in kwam, dat ik hem Moeders Lichaam en een exemplaar van Lelystad zou verkopen. Je kunt niet als klant een beetje doelloos en argeloos langs een signerende schrijver lopen en dan met een boek van Jeroen Brouwers de deur uit gaan. Maar ja, ik zat in Amsterdam, gekken zat.
    De klant zonder kin leek een beetje op Daan Schuurman. De vrouw naast hem was misschien zijn echtgenote, van de klant zonder kin bedoel ik. Uit Olivier & Adriaan weet ik dat het hebben van geen kin, een teken van aristocratie is.
    Het duurde even tot ik de klant aansprak, hij maakte zo’n verloren indruk, en vooral dat gespied uit zijn ooghoeken begon op mijn zenuwen te werken. Ik had hem lang genoeg nonchalant genegeerd. Wie was die man? Waarschijnlijk een thuisschrijver, een broodschrijver, een webschrijver. Ik raakte geïnteresseerd. Ik groette hem.
    En, is het een goed boek? Vroeg de klant zonder kin, terwijl hij Het Hout van Jeroen Brouwers omhooghield. Ik zei dat ik het een goed boek vond. Djiezus, dacht ik, je krijgt ook maar alles aan je tafel. Let op, zo meteen begint ie over Matthijs van Nieuwkerk. De klant-zonder-kin merkte zijn blunder, en pakte dertig exemplaren van Moeders Lichaam van de stapel. Matthijs van Nieuwkerk heeft toch gezegd dat het een goed boek was, toch? Ik bevestigde dat, tevens dat hij het hilarisch en ontroerend vond. De man zonder kin stamelde dat hij nooit naar DWDD keek, of in ieder geval zo weinig mogelijk. Zweetdruppels parelden in zijn baardje en hij hijgde een beetje. Omdat het gevaarlijk kan zijn om zulke mensen tegen te spreken, zei ik ook maar dat ik er ook nooit naar keek.
    Ik signeerde de boeken voor de klant-zonder-kin. Hij begon bij het spellen van de naam van de begunstigde drie keer overnieuw. Maar ik was het wel eens met Matthijs en de klant-zonder-kin eens: Moeders Lichaam is een heerlijk boek.

  2. Zo lijk ik op George Clooney. Als je dichterbij komt, zie je echter dat hij het niet is en dat je mij niet om een handtekening behoeft te vragen. Bovendien zie je dan dat George Clooney meer haar heeft..

    • Een van mijn exen had een ex die, naar verluidt, sprekend op Ron Jeremy leek. Vanuit de verte. En profil. Van bovenaf. Maar van onderen viel opeens te zien dat hij het níet was.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *