Opkomst van een hype

Schermafbeelding 2017-06-01 om 23.42.51

Donderdag 11 mei
Er ligt een pakketje op de mat. Voor mijn kinderen. In het pakketje zitten plastic speeltjes. Een rode en een roze. Ze zien eruit als botte werpsterren. Mijn zoon legt z’n speeltje op de grond en geeft er een draai aan. ‘Een tol!’ roept hij.

Later die avond komt mijn vrouw thuis. ‘Het is geen echte tol’, zegt ze tegen mij als ik laat zien wat onze kinderen nu weer van mijn ouders hebben gekregen.
‘Zeg het maar niet tegen ze’, zeg ik. Ze waren er zo blij mee.

Vrijdag 12 mei
Op mijn werk hoor ik collega’s praten. Dat ze op zoek waren naar een bepaald soort spinner, maar dat ze overal uitverkocht waren. Op het schoolplein wordt nergens anders meer over gepraat. Uit hun woorden maak ik op dat ze het over het speeltje van mijn kinderen hebben. Na enig gegoogel begrijp ik dat de fidget spinner al zo’n jaar of twintig bestaat en bedoeld is als concentratiespeeltje voor mensen met ADHD.

Zaterdag 13 mei
Mijn zoon heeft een vriendje over. Ze willen met de fidget spinners spelen, maar mijn dochter wil die van haar niet uitlenen. ‘Ach’, denkt mijn vrouw, ‘hoe duur kan zo’n ding zijn?’ Ze geeft onze zoon en z’n vriendje vijf euro en stuurt ze naar de dichtstbijzijnde speelgoedwinkel. Ze mogen desnoods naar de Action.

Niet veel later komen ze terug. Alle fidget spinners zijn uitverkocht. Zowel bij de Joepie als bij de Action als bij de feestwinkel ernaast en bij de feestwinkel ertegenover.

Ook bij de Blokker en Intertoys zijn alle fidget spinners uitverkocht. Bij de Bart Smit hoeven we niet eens naar binnen. ‘Helaas geen fidget spinners meer’ lezen we op een papiertje dat het zicht op de aanbieding van de week verspert.

Op de markt en zien ineens een flinke rij staan voor een kraampje zonder dak. Een glunderende man staat achter een tafel vol met fidget spinners in alle kleuren. Ze kosten vijf euro. Het vriendje van mijn zoon kiest er een met glow-in-the-dark-effect. ‘Je hebt slimme verkopers en je hebt domme verkopers’, zegt de marktkoopman tegen zijn fidget spinners.

De rest van de middag spelen mijn zoon en z’n vriendje met de fidget spinner. Aan het eind leent het vriendje van mijn zoon zijn fidget spinner uit aan een buurjongetje. ‘Je mag ‘m twintig weken houden’, zegt ie. Diezelfde avond heeft hij spijt als haren op zijn hoofd.

Maandag 16 mei
Mijn zoon neemt z’n fidget spinner mee naar school. ‘O, heb jij ook al zo’n ding’, zegt zijn beste vriendje tegen hem. Ik proef enige minachting. Nog diezelfde middag kamt hij met zijn opa de hele stad uit op zoek naar een geschikt exemplaar.

Dinsdag 17 mei
Ik zie ineens overal fidget spinners. Op straat, in de supermarkt, bij de Vietnamese loempiakraam. Elk kind heeft er een in handen. Ze draaien er gedachteloos aan of laten ze draaiend op hun vinger balanceren.

Woensdag 18 mei
Op mijn werk hoor ik iemand vertellen dat hij de dag ervoor helemaal naar Duitsland is gereden om een fidget spinner te bemachtigen. ‘Nergens meer verkrijgbaar’, zegt hij. Hij ziet er moe uit.

Mijn zoon vertelt ’s avonds aan tafel dat iedereen in zijn klas nu een fidget spinner heeft. ‘Behalve Christo’, zegt hij terwijl hij zijn spinner op de grote teen van zijn rechtervoet laat ronddraaien, ‘Christo begrijpt niet wat je ermee moet.’

Donderdag 19 mei
Mijn zoon kan ‘m inmiddels op zijn neus balanceren, terwijl hij ondertussen ‘Ik ben een Zwollenaar’ zingt.

Vrijdag 20 mei
Een sterrenkundestudent uit Leiden rekent uit dat de aarde een halve seconden per dag langzamer zou draaien als alle kinderen die een fidget spinner in hun bezit hebben, deze tegelijkertijd oostwaarts zouden laten draaien.

Dinsdag 24 mei
In Zwolle Zuid is een zwaargewonde gevallen. Een wanhopige vader is een medewerker van een Blokker te lijf gegaan, omdat deze nog nooit van een fidget spinner had gehoord. De vader dacht dat hij in de zeik werd genomen en ging door het lint.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *