Het goede antwoord

Wij reden naar Valkenburg, mijn dochter bedacht een spel. Raad het goede antwoord. “Oké”, zei ze, “wat is het goede antwoord: verkeersbord, haar, konijn, gras.”
Mijn zoon wilde weten wat de vraag was.
“De vraag is”, zei mijn dochter, “wat is het goede antwoord?”
“Ja maar”, zei hij boos, “wat is de vraag?”
“Hoooo”, zei mijn dochter moedeloos, haar stem ging richting huilend, “gewoon wat is het goede antwoord?”
“Ja maar wat is de vraag?”, riep mijn zoontje.
“WAT IS HET GOEDE ANTWOORD?”, schreeuwde mijn dochter.
“Laat je zusje maar”, zei ik tegen mijn zoon en vroeg mijn dochter om het aan mij te vragen.
“Oké”, zei ze, “wat is het goede antwoord? Auto, verkeersbord, vrachtauto, gras?”
“Vrachtauto”, zei ik.
“Nee”, zei mijn dochter.
“Gras”, zei ik.
“Goed”, zei zij. Mijn zoon zuchtte. Hij gaf het op.
“Doe er nog maar eentje”, zei ik.
“Oké”, zei mijn dochter, “Wat is het goede antwoord: “Rode auto, vrachtwagen, vlinder, koe of gras?”
Ik: “Rode auto.”
Zij: “Nee.”
Ik: “Vlinder.”
Zij: “Ja.”

4 responses

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *