De Man met een Piemel Als Neus: deel 8

VIII

DE TEST

Keesfan drukte 24 keer op de knop van zijn verdieping, en daar terug aangekomen stapte hij snel door naar zijn voordeur. Sjnerpsjnerpsjnerp, deden de knikkers. “Haaaaaaaaaaaaaaaaaaaa,” fluisterde Keesfan weer, de deur net genoeg openend om zich naar binnen te kunnen wurmen.
Daar sloot hij hem meteen en leunde er tegen aan, uithijgend. Nooit meer weg. Wat de hel. Wat de fuck.

In de gang keek een verlepte Snikkelien hem aan. Scheef staand. Haar schouders laag. Gezicht betraand, haar in de war, ogen rood en helder van het vocht.
“Waarom, Keesfan? Kun je tenminste uitleggen waarom?”
“Ik heb niets gedaan,” piepte Keesfan, wijzend naar buiten, “Het was de dokter!”
“Het was de dokter ja,” knikte en snikte Snikkelien, “Die jou veranderde in een doosje. Een doosje van Pandora. En ik ben Pandora. En ik deed het doosje open. En ik weet nu wat erin zat. Knikkers.”

10

Ze begon weer te snotteren. Keesfan keek haar aan.

“Maar jij hebt die knikkers er toch in gedaan?” vroeg hij na een kleine doch naar zijn mening respectvolle pauze.
“HET WAS EEN METAFOOR KEESFAN!” riep ze, waarna ze begon te luidkeels begon te huilen als een sirene uit Homerus’ sage over Odysseus. Of die van een ambulance, zelfs.
Keesfan keek haar bezorgd aan. Wat kon hij nou doen? Het was helemaal geen metafoor. Ze deed echt knikkers in zijn kont. Hoe kon hij haar dat nou aan het verstand brengen? Hoe breng je überhaupt iets aan iemand haar verstand die bereidt is zomaar knikkers in iemand zijn kont te doen en dan boos wordt als hij dit per ongeluk seksueel ok vindt? Blijkbaar?

Hij perste zijn billen wat samen om de tegen zijn anus drukkende knikkers weer terug naar boven te duwen. Snikkelien stond daar te huilen. Wat kon hij doen?

Wel, doen kan je niet schrijven zonder “oen”. Dat is wat er fout is gegaan: hij had niets moeten doen. Hij had gelijk sorry moeten zeggen.
“Jij had gelijk,” zei hij. “Ik had het mis.”

Snikkelien snoof wat snot op.
“Wat?”
“Sorry,” zei Keesfan, “Jij had helemaal gelijk.”
Snikkelien kneep haar ogen samen.
“…Gelijk met wat?”
Ah, dacht Keesfan, de bekende valstrik. De Test om te zien of hij het wel echt meende, of hij wel echt aan het luisteren was.
“Met alles,” antwoordde hij.
“Alles? Hoeveel alles?”
“Al het alles,” zei Keesfan, “Waar jij gelijk mee had.”
“Had ik soms ergens geen gelijk mee?” vroeg ze boos.
“Nee,” zei Keesfan snel.
“Nee? Hoe bedoel je nee? Heb ik soms GEEN gelijk??”

Shit. Die valkuil was een nieuwe.
“Nee?” probeerde Keesfan, terwijl het voor het uitspreken al fout voelde gaan.
“WAAROM ZEG JE ALTIJD NEE OP ALLES WAT IK ZEG!! WAAROM HAAAAAAAT JE ME!!!” gilde Snikkelien.
“JE HEBT GELIJK! JIJ HEBT ALTIJD GELIJK!!” schreeuwde Keesfan zo hard als hij kon, in paniek. Snikkelien pruilde haar onderlip zo ver uit dat die haar kin aanraakte.

“Bewijs het maar.”

-0-

Snikkelien liep op Keesfan af, plukte hem los van de deur, en nam hem mee aan zijn hand naar de slaapkamer.
Daar had zij, terwijl hij weg was, een soort middeleeuwse seks-kerker van gebouwd, zag Keesfan. Een groot houten apparaat met meerdere boeien stond waar het bed eerst stond, overal om hem heen stonden televisie schermen en wapenrekken vol marteltuig, aan kettingen van verschillende lengtes en diktes hingen dode, soms halfdode dieren aan het plafond. Keesfan slikte. Niet dit weer.

“Schat,” probeerde hij het toch maar weer een keer, “Schat. Luister. Ik waardeer dat je dit doet, maar ik geloof dat er een hardnekkig misverstand is. Ja, je hebt helemaal gelijk: ik krijg een erectie van dingen die mij niet opwinden. Maar ik denk, ik bedoel, ik weet, uit ervaring, dat de dokter…”
“Babe,” verbeterde Snikkelien hem, wat Keesfan van zijn a propos gooide, omdat hij dacht dat ze hem “Babe” noemde om iets te willen zeggen.
“Babe,” verduidelijkte Snikkelien dus maar door nadruk op “Babe” te leggen. Oh ja, herinnerde Keesfan zich geïrriteerd: Babe.

“… Dus… Ik bedoel… Om een stijve te krijgen, moet je in een seksuele gemoedsstand zijn. Als ik niet automatisch een stijve krijg van een dood dier kan het ook gewoon betekenen dat ik niet in de stemming ben, dat kan heel goed. Want dode dieren. Ik wil echt dat dit duidelijk is. Dat je niet boos wordt als ik niet meteen een stijve krijg van dit allemaal.”

Snikkelien knikte.

“Waarom zeg je dat ik geen gelijk heb?”

Keesfan raakte licht in paniek.

“Ik zeg helemaal niet dat je geen gelijk hebt! Ik zeg alleen dat…”
“Je zegt net letterlijk: “Dat je geen gelijk hebt”, Keesfan.”

Keesfan knipperde weer wat met zijn ogen.

“… Ja net! Maar…”
“Ja. Net, ja. En dat is precies wat dit dus niet is: netjes.”

Keesfan liet zijn handen zakken. Misschien moest hij… Of anders…
Hij liet ook zijn schouders hangen. Hij kon eventueel, … of tenminste… Zijn hoofd begon naar beneden te zakken.
“Waar moet ik zitten,” vroeg hij zachtjes.
“Opgetuigd worden,” verbeterde Snikkelien hem, aanwijzend waar.

11

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *