Mammon

Ik stond met mne kleine bij de bakker. Het was een moderne bakker, met een betaalautomaat die briefjes en muntjes accepteert. Dat voorkwam niet dat er een rij tot buiten stond, en zelfs een rekengehandicapte als ik had tijd genoeg om de prijs van twee broden vast te stellen. 4,80 was dat en ik drukte mijn gebroed een briefje van vijf in zijn handjes met de woorden ‘dan mag je dat zo meteen in het machien steken’. Hij keek er even naar of het een uitheems insect betrof en ging verder met het bestuderen van de koeling voor de vleeswaren, waar met name de balletjes in tomatensaus zijn volle aandacht opeisten.

Ik bestelde, hij betaalde en er rinkelde een muntje van 20 cent in de lade, dat hij me in de auto teruggaf.

‘Dat is voor uwe spaarpot’, sprak ik vaderlijk.

‘Ik moet het niet hebben’, antwoordde hij.

Nu weigert hij wel vaker iets. Een tweede boterham, bijvoorbeeld. Die wimpelt hij dan af met het gezicht van iemand die na drie keer ongegeneerd opscheppen het laatste fatsoen uit zijn kleine teen opdiept en beleefd ‘neenee, dank u’ mompelt.

Maar dit was scherper, met meer klem. Alsof de geldduivel zich aan hem openbaarde en hij de mammon tijdig doorzag. Ik besloot de pedagoog uit te hangen en stelde dat hij geld nooit mocht weigeren. Hij berustte en wrong het muntje in zijn broekzak terwijl hij mij over zijn bril verwijtend aankeek. Geld heeft voor hem overduidelijk geen andere waarde dan de kleur van het muntje, en hij had er waarschijnlijk al mooiere gezien.

Mijn vriendin opperde dat ik maar eens moest beginnen met hem zakgeld te geven opdat hij zou leren met geld om te gaan. Tien cent per levensjaar, zestig cent in zijn geval dus. Daarvan zou hij dan dingen kunnen kopen en voor andere dingen misschien zelfs gaan sparen. Ik ben geen zesjarige en wimpelde de gedachte dus niet weg.

Maar wat zou hij moeten kopen? Snoep mag hij al niet hebben vanwege zijn ziekte. Heel af en toe een kleinigheidje misschien. Een reep laten kopen om eens per week een half brokje te mogen afbreken? Ik laat de vraag hoe motiverend dat werkt even in mijn mond smelten. Bovendien stond het laatste paasei vijf maanden in de koelkast, een eerste levensbehoefte is het voor hem dus niet bepaald. Lange tijd herkende hij het verlokkende roze in de schappen van de supermarkt niet eens als zijnde ‘snoep’.  En de eerste keer dat hij een chocolade Sinterklaas in zilverpapier zag, dacht hij dat het speelgoed was en wilde het met alle geweld hebben. Ik kocht het ding met het oogmerk een kinderhand te vullen, mij nog niet realiserend hoe letterlijk dat zou uitpakken. In de auto wilde hij de chocosint namelijk niet afgeven. Gelukkig viel hij al snel in slaap, maar telkens als ik het zilverpapier aanraakte schrok hij wakker en dreigde te gaan brullen. Uiteindelijk zag ik de goedheiligman langzaam maar sierlijk een buiging maken over zijn handjes, terwijl een stroom gesmolten chocolade aanving om over zijn broek te lopen.

Snoep valt dus af. Speelgoed? Krijgt hij al veel wegens al zijn ziekenhuisbezoeken. Misschien dat hij daarom geen belang hecht aan de waarde van geld; alles waar hij mogelijkerwijs interesse in zou kunnen hebben krijgt hij vroeg of laat toch wel. Hoe zielig zijn infusen, sondes, buggy’s en hoorapparaten ook zijn, een verwende snotblaag wil ik nu ook weer niet op mijn geweten hebben. Zakgeld dus. Sparen, leren tellen, lijstjes met betaalbare zaken laten opstellen, dingen kopen, aan de kassa laten bijlappen, hele kwartieren staan emmeren voor schappen met grote legodozen om iemand te leren hoe je 79 cent uit moet geven.

Ik word al moe als ik eraan denk.

7 responses

  1. Misschien als hij ziet dat hij voor geld geen goederen maar ervaringen, sensaties kopen kan: kermis, zwembad, paardrijden, treinreizen, boottochtje, kasteelbezoek, voetbalstadionbezoek, bioscoop etc. dat het *kuch* kwartje dan wel bij hem valt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *