De wenkbrauwen van Tijs van den Brink

Wat is dat toch met het hoofd van Tijs van den Brink? Ik vermoed die wenkbrauwen die haarscherp naar het puntje van zijn neus wijzen in combinatie met die immer opgetrokken korte bovenlip waardoor die lange tanden permanent ontbloot zijn. Een uil gekruist met een haas. Maar dan wel een heel lelijke uil en een heel lelijke haas. Levend kaalgeplukt en gevild. Ze ademen nog, maar lijden ondraaglijke pijnen. Het is niet om aan te zien.

Kijkt hij strak vooruit dan zien de wenkbrauwen in combinatie met de frons boven zijn neus eruit als twee slakken die elkaar recht in de ogen kijken. Je kan niet met zekerheid zeggen of ze op het punt staan elkaar te zoenen of op de bek te rammen. Maar soms liggen die twee dingen ook heel erg dicht bij elkaar.

Ik zit met het geluid uit naar Tijs van den Brink te kijken. Hij interviewt een dirigent voor zijn programma Adieu God? Het vraagteken in de titel van dit programma is veelbetekenend, want Tijs van den Brink gelooft helemaal niet dat zijn gesprekspartners God vaarwel hebben gezegd. Ze zeggen het wel, maar diep vanbinnen weten ze wel beter en zijn ze nog even godvrezend als vroeger.

De dirigent heeft trouwens ook een vreemd hoofd. Het is een hoofd dat in een homp vet verstopt zit. Je ziet de kloeke, trapeziumvormige kin, de scheve mond, de neus en de ogen, met daaromheen heel veel overtollig vlees. Alsof de beeldhouwer de gelaatstrekken heeft uitgehakt en halverwege een herseninfarct kreeg, waardoor hij niet meer in staat was de buste af te maken. Hij had verdomme wel wat beters te doen! Aan de bovenkant van zijn hoofd zit een plakkaat staalwol vastgeplakt.

De twee hoofden moeten veel lachen tijdens het gesprek. Op gezette tijden gaan de wenkbrauwen van Tijs van den Brink omhoog. Dan veinst hij weer eens opperste verbazing. Daar zien we het vraagteken van Adieu God? in actie. De wenkbrauwen van Tijs van den Brink vormen zo langzamerhand een act op zich. Zijn bovenlip en tanden proberen dapper bij te benen, maar het mag niet baten. Het zal niet lang meer duren voordat de wenkbrauwen de stap zullen wagen.

Het zal beginnen met een invalbeurtje voor de wenkbrauwen van Andries Knevel. Een optreden als mediadeskundige aan tafel bij Jeroen Pauw. De laatste roddels behandelen bij RTL Boulevard. Bescheiden maar opvallende optredens. Maar dan op een dag zullen de wenkbrauwen van Tijs van den Brink ineens te zien zijn als tafelheer in De Wereld Draait Door. Ze stelen de show. Matthijs van Nieuwkerk loopt met hem weg en dan weet je dat het gedaan is: de wenkbrauwen van Tijs van den Brink gaan solo. De opmars is niet te stuiten. Ze zullen de frons van Tijs van den Brink meeslepen, maar Tijs zelf blijft zitten met zijn lange tanden en zijn opgetrokken bovenlip. De ogen zullen hun best blijven doen gaatjes te priemen in de overtuigingen van zijn gesprekspartners, maar er zullen geen wenkbrauwen meer zijn om die blikken de juiste richting mee te geven. Tijs van den Brink zal zich meer en meer verloren voelen in zijn rol als ondervrager. De troost van God zal niet voldoende zijn om het gat te vullen dat zijn wenkbrauwen hebben achtergelaten. En als hij op een avond de tv aanzet, zal hij zien hoe zijn wenkbrauwen in De Kwis van Paul de Leeuw keihard zitten te lachen om grappen over zijn voormalige partner. De wenkbrauwen stralen en stelen moeiteloos de show. Tijs van den Brink zal de tv uitzetten, een fles Chablis uit de koelkast halen en God vaarwel zeggen.

11 responses

  1. Slakken, in een roman las ik eens de vergelijking dat ‘zijn wenkbrauwen zich bewogen als twee rupsen.’ Maar wenkbrauwen komen in alle soorten en maten. A.L. Snijders heeft een een paar mooie droevige. Vrouwen houden ze bij, mannen doen zulke dingen niet. Vandaar al die sprieten.
    Ik schoot in de lach over dat ‘vastgeplakte plakkaat staalwol’. Bedankt, dat krijg ik de eerstvolgende keer dat ik Tijs zie, niet uit m’n kop.

  2. Die plakkaat staalwol was niet van Tijs, maar van de dirigent, wiens kin er trouwens uitziet als een goed gevulde balzak. Daar wist iemand op Twitter mij op te wijzen. Jammer dat ik het zelf niet zag.

  3. Had Salvador Dali, of een andere surrealist, niet een mooi portret van iemand waar de neus vervangen was door een penis, en waarvan je denkt, ja hoor, dat kan best.

  4. Mijn kinderen en ik hebben trouwens onlangs de volgende carnavalskraker geschreven:

    Ik liet een boertje uit mijn kont
    En een scheetje uit mijn mond
    Er kwam een drolletje achteraan
    In de vorm van een banaan

    Wat dan weer op Southpark was gebaseerd. Althans, wat mij betreft. Mijn kinderen zijn nog niet echt bekend met het oeuvre van Southpark.

  5. De wenkbrauwen van A.L. Sneijder zijn inderdaad erg fraai. Net een paar smeltende ijspegels aan de takken van een treurwilg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *