Twee ikken

Ooit zag ik de oorlogshistoricus Martin van Creveld voor het eerst. In mijn herinnering vertelde hij dat oorlog ‘het grote spel’ betekent. Waarbij ik niet zeker weet of hij het over oorlog, war of krieg had. Nu zie ik hem in gesprek met Stine Jensen. ‘Er zijn eigenlijk maar twee spelletjes in het leven’, zeg hij, ‘liefde en oorlog.’

De aantrekkingskracht van oorlog is dat je leeft in het heden, zegt hij. Het verleden is vertrokken, de toekomst bestaat niet: ‘Er staat niets tussen jou en jezelf.’

Een echo van die woorden hoorde ik eerder die avond in een gesprek dat Kees van Kooten had met Wim Helsen in diens Winteruur (Canvas, van ma t/m do om 23.00 uur). Daarin lezen gasten een tekst voor die hen dierbaar is. Vervolgens gaan ze over die tekst babbelen. En een kleine tien minuten later lezen ze dezelfde tekst nogmaals voor.

Kees van Kooten had een tekst van Gerrit Komrij uit De Gelukkige Schizo gekozen. Komrij schrijft over het gevoel dat je eigenlijk altijd met z’n tweeën bent. Er is de ik die doet wat ie doet. En tegelijkertijd is er de ik die dat vanop een afstandje beschouwt en becommentarieert. Naarmate Kees van Kooten ouder wordt, vallen de twee ikken steeds meer samen, zegt hij. Maar pas in de dood, zullen ze één zijn.

Volgens Kees van Kooten splits je jezelf al van jongs af aan. Door bijvoorbeeld tijdens het voetballen een andere identiteit aan te nemen. Zo was ik als voetballend kind altijd tegelijkertijd Simon Tahamata als het kind dat wel degelijk wist dat het Tahamata niet was.

Maar, vroeg ik me af, is het aannemen van zo’n rol niet juist een poging om samen te smelten met jezelf? Neem bijvoorbeeld Kees van Kooten die de alleenstaande vandaal speelt. Hij gaat zo in zijn personage op dat hij het waagt om, al hondenlullen roepend, een trap aan een rijdende bus te verkopen. Ik vermoed dat verleden en toekomst daar, samen met de beschouwende Kees van Kooten, waren weggevallen en pas terugkeerden op het moment dat de bus op de rem trapte.

Er zijn dus wel meer situaties, naast oorlog en de dood, waarin die twee onverenigbare ikken samensmelten.

10 responses

    • Nee, pijn deed het niet. Maar we vielen wel even samen. Waarom zijn er geen tekentjes om aan te geven dat je een flauw woordgrapje maakt?

  1. Interessant, al vermoed ik dat Ego en Alterego niet samenvallen, maar dat de een de ander verdringt. De tip ‘De Gelukkige Schizo’ aanvaard ik in dankbaarheid. Veel publicaties over dit onderwerp vind ik te wetenschappelijk van aard, terwijl het toch echt een literair thema bij uitstek is. Wellicht zijn veel auteurs bang om met een kijk in hun gespleten persoonlijkheid (potentiële) lezers af te stoten. Dat geldt ook voor hedendaagse schrijvers in mijn eerste taal, het Arabisch, overigens. Vooral waar het de oversteek naar de seksuele dimensie betreft, die zoals u weet nogal verschilt van de Westerse. Of die naar opgewekte haat bij verplichte bloedwraak. Als u wat meer tips in dit kader voor mij hebt – graag!

  2. weten jullie trouwens dat Wim de Bie in de jaren 80 een houellebecqje heeft geschreven. “Morgen zal ik mijn mannetje staan”. Soumission maar dan 30 jaar voor dato.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *