Mozart in de woestijn

We lieten de bedoeïenen achter ons op een winderige dag. Ik was nog geen jaar oud en bracht de tijd voornamelijk door in een grote doek, op de rug van mijn vader, mijn grote hoofd vertragend schommelend op het ritme van zijn stappen. De kameel droeg de tassen en sleepte een kar achter zich aan waarop de piano stond die mijn vader had gekregen. De man op de pilaar had hem cadeau gedaan. Hij verwachtte niet dat er ooit nog iemand langs zou komen die zo mooi kon piano spelen als mijn vader, dus hij kon ‘m net zo goed loslaten. Hij was er niet aan gehecht, de piano vertegenwoordigde geen enkele emotionele waarde voor hem. De piano was er ergens in de jaren ’20 gekomen door een rijke Duitse wereldverbeteraar die Mozart naar de woestijn wilde brengen. Waar hij ook kwam liet hij Mozart klinken, maar het liet de woestijnbevolking koud. Men luisterde er naar, maar het leek niet tot ze door te dringen. De muzieknoten nestelden zich in de groeven van de gelooide gezichten, maar de groeven bleven volmaat onbewogen. De Duitse wereldverbeteraar gaf niet op, maar hij is gedesillusioneerd gestorven. In de buurt van zijn piano. De enige die echt aandachtig naar zijn concerten luisterde, was een kleine woestijnvos. Dat bracht wel enige voldoening, maar niet genoeg om de moeite die zijn queeste had gekost, rechtvaardigde. Op een dag bleef ook de woestijnvos weg. De Duitser was beter in Duitsland gebleven. Alhoewel, daar was het ook steeds minder een pretje in die jaren. De man op de pilaar begreep was nog een jongeling toen de Duitser met zijn piano kwam. Hij begreep nu dat de Duitser de verkeerde componist had gekozen, gezien de tranen die Schubert bij hem teweeg hadden gebracht. Mozart heeft niks te zoeken in de woestijn.

4 responses

  1. Er zijn maar weinig Duitsers die een beetje redelijk voor de dag kwamen in de woestijn: veldmaarschalk Erwin Rommel en Kara Ben Nemsi, wanneer die af en toe geen zin had om Old Shatterhand te zijn. En Prins Bernard natuurlijk, naar verluidt kwam die meer dan eens met zand in zijn onderbroek terug naar Soestdijk.

  2. Een weekje olifanten knallen en Bernhard kon er weer tegenaan. Dan had hij zelfs oprecht zin om Juliana te zien. Wist u trouwens dat hij, toen hij klein was, van zijn vader een heus Tanzaniaantje had gekregen? Eentje die bijzonder goed kon dansen. “Maar tanzen kunnen ze allemaal”, zou Bernhard later vaak grappen, “daarom heet het ook Tanzania.”

  3. Iets soortgelijks overkwam Napoleon in 1798-99, tijdens zijn Egypte-expeditie. De dictator had een luchtballon meegenomen om de woestijnbevolking te imponeren. Maar die keken er (letterlijk) niet van op. Dan heeft hij maar een vlammend manifest opgesteld, waarin hij aankondigde de bevolking te komen bevrijden. Hoe dit te rijmen valt met de (naar schatting) 100.000 man die hij verzopen heeft of de keel liet doorsnijden, daar wordt nog naar gezocht.

  4. Duitsers en de woestijn vormen statistisch gezien geen gelukkige combinatie. Maar woestijnvolk in Duitsland schijnt het eveneens niet voorbeeldig te doen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *