Fragmenten (2)

Ik heb een aandoening. Het is niks ernstigs, je gaat er niet dood aan. Maar soms drijft het me tot een milde wanhoop. En daarom lijkt het me toch wel de moeite van het vermelden waard. Misschien hebben meer mensen er last van: het lukt me vaak niet om dingen te zien die er wel zijn. En dan heb ik het vooral over dingen die ik aan het zoeken ben. Tastbare dingen. Dus niet God of geluk of zo. Maar sleutels bijvoorbeeld. Of een oplader. Of een fietspomp. Of mijn horloge. Dan weet ik vrij zeker dat het voor m’n neus ligt. Maar doordat ik niet honderd procent zeker ben dat het er ligt, blijf ik het niet zien. Soms ligt het er inderdaad niet, soms ligt het er wel. Meestal gebeurt dit als iets zich bevindt op een plek waar zich nog meer bevindt. Een lade of een kast of een kist die al vol zit met van alles. Of een tafel waar meer dan drie dingen op liggen. Dan zoek ik het en dan vind ik het niet. En hoe langer ik zoek zonder het te zien, hoe wanhopiger ik wordt en hoe kleiner de kans dat ik het alsnog zie. En terwijl ik midden in die wanhoop zit, roep ik mijn vrouw. Of zij weet waar ligt wat ik zoek. En als zij zeker weet dat het inderdaad ligt waar ik aan het zoeken ben, dan vind ik het meestal vrij snel. Alsof ik dankzij haar bevestiging beter kan kijken. Heel soms vind ik het dan nog steeds niet, en dan word ik nog wanhopiger. En dan komt mijn vrouw mij helpen en dan vindt zij het binnen drie seconden. Of ze vindt het niet, dan weten we zeker dat het toch echt ergens anders moet liggen. Op dat soort momenten voel ik me wel iets beter, maar niet heel veel.

5 responses

  1. Het lijkt erop dat u uw bril inmiddels hebt hervonden. Wellicht bij toeval. Misschien met behulp van uw reservebril. Hoe het ook zij, het blijkt u het inzicht te hebben verschaft om van “Lucht” “Fragmenten” te maken. Ik, op mijn beurt, zie er wel enige logica in.

  2. Bij mij is hoe langer iets ergens ligt, hoe groter mijn blind spot ervoor wordt! Of als ik iets ergens neerleg waar het niet hoort. Zoals mijn telefoon: die hoort of op de kist naast mijn bed te liggen, of op het stevigste boek in mijn plee, of aan mijn boxen geplugged. Laatst lag het op de leuning van een bank en toen was ik helemaal in de war hoe ik zo stom kon zijn het daar te leggen- het had voor eeuwig kwijt kunnen zijn. Of tot de volgende keer dat ik mijn huis opruim. Oh wait, dat valt onder eeuwig kwijt.

  3. Hehe. Ik heb dat ook met mijn portemonnee. Die hoort in mijn linkerbroekzak te zitten. Als ie daar niet zit, heb ik drie korte hartverzakkingen alvorens ik bij zinnen kom en met een zoektocht begin.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *