IJsland – dag 2, deel 1

20151106_114042

 Het duurde even voor ik wist waar ik was. ‘Laat het los’ uit Frozen zong rond in mijn hoofd. Tenminste iets wat mij vertrouwt voorkwam, want ‘Laat het los’ zong al dagen rond in dat hoofd. Het was nog donker. Mijn rechterenkel deed pijn. Ik zocht mijn broek om mijn telefoon te pakken. Mijn kleren waren weg. Het leek me sterk dat ik enkel gekleed in onderbroek was thuisgekomen, maar ik kon niks uitsluiten. Mijn rechterenkel deed pijn, maar dat zei ik al. Toen ik opstond deed ie nog meer pijn. Ergens ver weg in mijn geheugen, waar het donker en mistig was, doemde een herinnering op. Straatlicht glimmend in natgeregende stenen. En een dubbel klappende voet. Ik strompelde naar de wc. Mijn kleren lagen in de voorkamer. Mijn telefoon zat nog in mijn broek. Ik probeerde mij meer dan alleen de verzwikte voet te herinneren, maar er was niks wat naar boven kwam. Eén groot zwart gat. We zouden vandaag gaan snorkelen. Althans, mijn vrienden gingen snorkelen, ik ging het bij wandelen houden. Op de tectonische platen van Noord-Amerikaanse en Euroaziatische continent. Waar IJsland twee centimeter per jaar uit elkaar drijft. Het ging me te ver om die breuklijn onder water te bekijken. Straks word je naar beneden gezogen. Opgeslokt door de spleet van moeder aarde. Dokter Freud zou ongetwijfeld gesmuld hebben van deze angst, maar dat was geen reden om mezelf in een duikpak te hijsen.

Daar strompelde ik door het land van ijs en vuur. Moederziel alleen, slechts in het gezelschap van mijn kater, mijn verzwikte enkel en zo’n 350 andere toeristen. Een zware, grijze lucht boven zwarte, groene, bruine tinten. De openingstune van Game of Thrones nam de plaats in van ‘Laat het los’. Op deze plek werd in de Middeleeuwen recht gesproken. Huwelijken werden besloten, geschillen opgelost, overspelplegers van de waterval gegooid. Aan de horizon bergen met eeuwige sneeuw.

Nadat iedereen weer terug op aarde was, reden we verder. Op de laatste druppels benzine van onze Subaru. We haalden het dichtstbijzijnde tankstation. Na het tanken bestelden we een hamburgermenu. Of we er een Pepsi Zero of Pepsi Max bij wilden. Ik houd niet van cola, ik wilde een water. Dat kon niet. J2 bestelde een sinas. Ik wilde ook een sinas. Dat kon niet. Het was of Pepsi Zero of Pepsi Max. Dan maar een Pepsi Max. De jongen kwam terug met twee Pepsi Max en één sinas. De sinas kon dus wel. Ik zei dat ik toch een sinas wilde. De jongen rolde met zijn ogen en pakte een sinas. Toen hij terug bij de kassa was, zei J1 dat hij ook een sinas wilde. De jongen keek ons wantrouwend aan. Are you making a fool out of me, zei hij, met dat fijne IJslandse accent, dat iets achter in de mond ligt. Het speeksel losjes in de wangen. Alsof ze op het punt staan te gorgelen. No, zei ik, we’re just confused.

One response

  1. Goh, ik dacht altijd dat er geen bomen waren op IJsland. *weer wat geleerd*.
    Mooi trouwens om met je kater op een continentrand te gaan wandelen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *