Cafeetje

Ik lag in bad.

“En jij blijft op de baby passen”, hoorde ik mijn zoon tegen mijn dochter zeggen. Hij liep naar zijn eigen kamer en deed de deur dicht. Even later liep mijn dochter achter hem aan. Mijn zoon bracht haar terug. “Jij blijft hier”, zei hij.

Ik riep hem bij me en vroeg ‘m wat ze aan het spelen waren.

“Baby’tje”, zei hij.

“En waar ga jij dan naartoe?”

“Naar het cafeetje”, zei hij.

“En waarom mag je zusje niet mee?”

“Zij moet op de baby passen.”

“Anders laat je tijger op de baby passen”, zei ik, “dan kunnen jullie samen naar het cafeetje.”

“Nee”, zei hij. En hij ging weer verder. Naar het cafeetje. Hij zou pas weer terug komen als het licht was.

Even later liep mevrouw Molovich de kamer van onze dochter binnen. Die lag op bed. Naast haar pop.

“Wat ben je aan het doen?”, vroeg mijn vrouw.

“Aan het slapen”, zei mijn dochter, “bij baby.”

Haar broer zat nog steeds in het cafeetje. Totdat het licht zou worden.

3 responses

  1. Tja. Niet. Mevrouw Molovich weet hoe het zit. Zij gaat ook geregeld naar het cafeetje, alleen lult ze er niet zoveel over.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *