De bijbel | De Oudvaders

BIJBEL MOLOVICH

Alweer zeven jaar geleden begon ik op Panzerfaust de Bijbel Lees Sessies. De hoogste tijd om de draad weer op te pikken. Maar voordat ik dat doe, even alle afleveringen tot nu toe. Dit is aflevering 5.

Nadat de Bijbel ons heeft medegedeeld dat Kaïn naar het land Nod ging, daar gemeenschap had met zijn vrouw, die een zoon baarde genaamd Henoch, krijgen wij zo’n typisch bijbels lijstje over wie uit wie voortkwam. Het lijstje dat Genesis 5 behandelt is het geslachtsregister van Adam. Over hoe zijn nageslacht uiteindelijk tot Noach leidde, de eerste redder van de mensheid. Eigenlijk gaat dit stukje bijbel over de essentie van het bestaan: je voortplanten. De rest doet er niet toe. Het maakt niet uit of je ooit gelukkig bent geweest, wel eens uit de portemonnee van je moeder hebt gejat, hebt gepist in het zwembad, of nachtenlang geen oog dicht hebt gedaan omdat je verliefd was op een meisje die niet eens wist dat jij bestond. Zolang je je maar voortplant. Want het zou zomaar kunnen zijn dat jouw zaad ervoor zorgt dat er generaties na jou iemand opstaat die de mensheid redt.

Kijk bijvoorbeeld naar Henoch. Niet de Henoch die de zoon was van Kaïn, maar Henoch die de zoon was van Jared, die de zoon was van Mahalaleël (bijgenaamd ‘het carnavalsrefrein’, mocht ik ooit nog een hamster krijgen, dan zal zijn naam Mahalaleël zijn), die de achter-achterkleinzoon was van Adam. Toen Henoch vijfenzestig jaar geleefd had, verwekte hij Methasalah. En daarna leefde hij nog 300 jaar, en hij verwekte zonen en dochteren. “Zo waren alle dagen van Henoch driehonderd vijfenzestig jaar. En Henoch wandelde met God, en hij was niet meer, want God had hem opgenomen.” (Gen. 5:21-24)

Ik weet niet of het getal 365 hier een literaire keuze betreft, aangezien er zoveel dagen in een jaar gaan (de kwart dag die ervoor zorgt dat wij om de vier jaar een extra dag hebben niet meegerekend), het drukt je in ieder geval wel met je neus op de feiten. Henoch leefde 365 maal 365 dagen (+ 91 extra dagen van het schrikkeljaar) en deed al die tijd niks anders dan al dan niet geslaagde pogingen om zich voort te planten. Laten we aannemen dat Henoch zo rond z’n twaalfde gelachtsrijp was, weinig moeite had met de vrouwtjes en zijn hele leven gezond van gestel was, dan heeft hij zich een kleine 125.000 dagen een slag in de rondte geneukt. Vermoedelijk was Henoch zo’n nietszeggende, oppervlakkige, in gladde praatjes grossierende macho die zo ongeveer alles representeert wat ik haat (zo eentje die van heel veel onschuldige meisjes het op hol geslagen hart heeft gebroken alsof het een koekje bij de koffie is), maar hij heeft verdomme wel z’n plekje in die bijbel veroverd. Want zonder Henoch was Methusalah nooit verwekt, die de vader was van Lamech die de vader was van Noach, die het voortbestaan van de mensheid en van alles wat kroop en vloog heeft gered door een ark te bouwen toen de tijd daar was.

Misschien, als Noach er niet was geweest, had God wel iemand anders gevonden om ons voortbestaan veilig te stellen. Officieel is het zo dat Noach de enige was die godvrezend genoeg was om genade te vinden in de ogen des Heren, zo staat het immers geschreven. Maar je gaat mij niet wijsmaken dat God de wereld voor gezien had gehouden als Noach niet had bestaan. Desnoods had hij Noach eigenhandig uitgevonden. Als Johann Casper Goethe in 1731 geen zoon verwekt had bij de vrouw van lijstenmaker Helmut Dietrich Mulisch, dan was niet De Ontdekking van de Hemel, maar Het Huis van de Moskee verkozen tot Het Beste Nederlandstalige Boek Aller Tijden. Maar zo is het niet gegaan. En zo kan het natuurlijk ook nooit gegaan zijn. Een wereld zonder De Ontdekking van de Hemel bestaat niet, zal nooit bestaan, én (durf hier zelfs te stellen) heeft nooit bestaan. Het kan niet zo zijn dat Het Beste Nederlandstalige Boek Aller Tijden ooit niet heeft bestaan. Dan zou het niet het Beste Nederlandstalige Boek Aller Tijden zijn. Al in de dagen dat Noach die ark van ‘m bouwde, bestond De Ontdekking van de Hemel al. Harry hoefde ‘m alleen maar op te schrijven. Dat wist hij zelf als geen ander. Na Harry de zondvloed.

2 responses

  1. U bent een ‘flink’ mens om u uit te drukken zoals u doet, onbeschoft en goor maar dat is gewoonlijk een omgekeerd kwadraat van de, en helaas, wérkelijk aanwezige ‘intelligentie’.
    Frêre.

  2. In de Bijbel had je niettemin allerlei koningen van Israel en Juda die meestal zondigden op een wijze waarin zij alleen maar werden overtroffen door Adolf Hitler, Jozef Stalin en Mao Zedong!
    En een bepaalde koning die als eerste over de 10 stammen van Israel regeerde (Saul, David en Salomo, overigens alledrie ook geen lieverdjes!) zou erachter komen dat als je een maatschappij tot zonde verleidt en zondes begaat men daar ook zwaar voor werd gestraft:

    Koning Jerobeam

    Deze koning was een opstandeling tegen koning Salomo en hij wist na diens dood zijn zoon Rehabeam zodanig uit te dagen dat deze zwaardere lasten aan Israel wilde opleggen. Toen dit mislukte werd Jerobeam koning voer de 10 stammen van Israel en behield Rehabeam maar twee stammen waaronder Juda.
    Jerobeam was door god uitverkoren om daar over te heersen opdat zijn zonen hem opvolgden maar zijn machtslust en afgoderij zouden hem en zijn familie uiteindelijk fataal gaan worden zoals in de Bijbel zo werd beschreven:

    Jerobeam bouwde muren en torens rond Sichem op de bergen van Efraïm. Daar ging hij wonen. Daarna bouwde hij muren en torens rond Penuël. Toen dacht Jerobeam bij zichzelf: “De mensen zullen naar Jeruzalem gaan om offers te brengen in de tempel van de Heer. Dan zullen ze zich weer willen aansluiten bij koning Rehabeam van Juda. En mij zullen ze doden.”
    Daarom besloot Jerobeam twee gouden kalveren te laten maken. Tegen het volk zei hij: “Het is veel te ver voor jullie om helemaal naar Jeruzalem te gaan. Israëlieten, kijk, dit zijn de goden door wie jullie uit Egypte zijn bevrijd.” Hij zette het ene kalf neer in Bet-El en het andere in Dan. Vanuit het hele land kwamen de mensen naar de beelden om daar offers voor te brengen. Door deze beelden werd het volk (wederom en zo vaak!) ongehoorzaam aan de Heer.

    Verder liet Jerobeam een tempel bouwen op een heuvel. Hij wees allerlei gewone mensen aan als priesters. Zij werden dus niet uit de Levieten gekozen. Ook bedacht Jerobeam een feest voor de 15e dag van de achtste maand.
    Het moest net zo’n feest zijn als het Loofhuttenfeest dat in Juda werd gevierd. Op die dag offerde Jerobeam in Bet-El dieren op het altaar voor het gouden kalf dat hij had laten maken. Ook in Bet-El liet hij priesters dienst doen bij de altaren die hij in de heuvels had laten bouwen.

    Op een keer stond hij bij het altaar in Bet-El, op de 15e dag van de achtste maand. Want dat was de datum die Jerobeam had uitgekozen om met Israël een offerfeest te vieren. Hij bracht daar zijn brand-offer en offerde er wierook.
    Op dat moment kwam een profeet van God uit Juda naar Bet-El. Hij was door de Heer naar Bet-El gestuurd. Hij kwam aan toen Jerobeam op het punt stond om het offer aan te steken. De man moest van de Heer tegen het altaar spreken. Hij zei: “Altaar, altaar, dit zegt de Heer: Er zal een zoon worden geboren uit de familie van David, die Josia zal heten. Hij zal op jou de priesters verbranden die op de heuvels offers brengen. Er zullen mensenbotten op jou worden verbrand.”
    Ook voorspelde hij een wonder: “Dit is het teken dat de Heer dit heeft gezegd: het altaar zal scheuren, zodat de as die er op ligt, er af zal vallen.”

    Toen de koning hoorde wat de profeet tegen het altaar in Bet-El zei, wees hij met zijn arm naar hem en zei: “Grijp hem!” Maar de arm die hij had uitgestoken, werd stijf. Hij kon hem niet meer naar zich toe trekken. Ook scheurde het altaar, zodat de as van het altaar viel, precies zoals de profeet namens de Heer had gezegd.
    Toen riep de koning: “Bid alsjeblieft voor mij tot God dat mijn arm weer normaal wordt!” De man bad God daar om. Toen kon de koning zijn arm weer bewegen zoals eerst. De koning zei tegen de profeet: “Kom met mij mee naar huis om iets te eten en uit te rusten. Dan zal ik je een geschenk geven.”
    Maar de profeet zei tegen de koning: “Al gaf u mij de helft van alles wat u heeft, toch zou ik niet met u meegaan. Ik zal hier niets eten of drinken. Want de Heer heeft mij bevolen: Eet en drink er niets. En ga niet terug langs de weg waarlangs je bent gekomen.” En de profeet vertrok langs een andere weg dan dat hij gekomen was.

    Maar Jerobeam veranderde totaal niet. Hij bleef dezelfde slechte dingen doen. Hij liet nog steeds allerlei gewone mensen priester worden bij de altaren op de heuvels. Iedereen die wilde, mocht priester worden bij een altaar. Hij bleef ongehoorzaam aan de Heer. Dit was de reden dat hij en zijn goddeloze familie uiteindelijk vernietigd zouden worden!

    De zoon van Jerobeam wordt ziek

    In die tijd werd Abia, de zoon van Jerobeam, echter ziek. Jerobeam zei hierna tegen zijn vrouw en de moeder van Abia: “Maak je klaar om op reis te gaan. Verkleed je eerst, zodat de mensen niet zullen merken dat je de vrouw van de koning bent. Ga naar Silo. Daar woont de profeet Ahia. Hij is de profeet die mij vroeger heeft gezegd dat ik koning van dit volk zou worden. Neem tien broden, koeken en een kruik honing mee en ga naar de profeet. Hij zal je zeggen wat er met de jongen zal gebeuren.”

    Zo reisde de vrouw van Jerobeam naar Silo. Ze ging het huis van Ahia binnen. Ahia kon niets meer zien, want hij was blind van ouderdom. Maar de Heer zei tegen hem: “Straks komt de vrouw van Jerobeam. Ze komt je vragen wat er met hun zoon zal gebeuren, want hij is ziek. Dit-en-dat moet je tegen haar zeggen zodra ze binnenkomt. Maar ze zal doen alsof ze een onbekende is.”
    Zodra Ahia haar hoorde binnen komen, zei hij: “Kom maar binnen, vrouw van Jerobeam! Waarom doet u alsof u een onbekende bent? En u komt voor uw zoon die ziek is in de hoop dat hij zal genezen. Ik heb helaas heel slecht nieuws voor u!”
    Ga dadelijk naar huis toe en zeg dit tegen uw man Jerobeam: “Dit zegt de Heer, de God van Israël: Ik heb je opgetild uit het volk en je koning gemaakt over mijn volk Israël. Ik heb het koningschap afgescheurd van de familie van David en het aan jou gegeven. Maar jij hebt niet op dezelfde manier geleefd als mijn dienaar David. David gehoorzaamde mijn bevelen. Hij diende Mij met zijn hele hart door te leven zoals Ik het wil!
    Maar jij bent slechter geweest dan alle anderen vóór jou, want je hebt namelijk andere afgoden gemaakt en er offers voor gebracht om mijn volk tot zonde te verleiden. Met die beelden heb je Mij niettemin heel erg kwaad gemaakt. Want je hebt Mij totaal aan de kant geschoven!
    Daarom zal Ik een vreselijke ramp over jouw hele familie, die jou in het kwaad heeft gevolgd, laten komen. Ik zal alle mannen uit je familie laten doden, van hoog tot laag. Ik zal je hele familie wegvegen zoals je mest uit de stal wegveegt. Er zal totaal niemand van overblijven!
    De mannen die in de stad worden allemaal gedood en zij zullen door de honden worden verslonden. En de mannen die in het veld worden gedood, zullen uiteindelijk door de vogels (gieren) worden verslonden! De Heer heeft het zo gezegd.”

    Ga nu dus terug naar huis, vrouw van Jerobeam. Op het moment dat u de stad echter binnenkomt, zal de jongen sterven. Heel Israël zal niettemin over hem huilen en treuren en ze zullen hem begraven. Van Jerobeams familie zal hij de enige zijn die in een graf komt te liggen. Want hij is de enige in wie de Heer, de God van Israël, nog iets goeds heeft gezien.
    De Heer zal ervoor zorgen dat een koning van Israël Jerobeams familie zal vernietigen. En wat zal er daarna gebeuren? De Heer zal Israël eens zwaar straffen. Het land zal ervan schudden zoals riet in de storm. Hij zal de Israëlieten wegrukken uit dit prachtige land dat Hij aan hun voorouders heeft gegeven. Hij zal hen uit elkaar jagen, naar de overkant van de Rivier, omdat ze valse prutsgoden hebben aanbeden en Hem daarmee kwaad gemaakt hebben.
    Hij zal Israël loslaten omdat Jerobeam ongehoorzaam aan Mij is geweest en omdat hij Israël ongehoorzaam aan Mij heeft gemaakt.”

    De vrouw van Jerobeam vertrok en ze ging droevig terug naar Tirza. Op het moment dat ze over de drempel van het paleis stapte, stierf de jongen. Hij werd begraven en heel Israël huilde en treurde over hem, zoals de Heer had gezegd door de profeet Ahia.
    Abia kon niettemin beter bij God verkeren dan bij al die goddeloze en zondige mensen!

    En alle koningen van Israël na Jerobeam waren vrijwel allemaal zondaars, afgoden-aanbidders, massamoordenaars etc. en zij vernietigden ook elkaar en elkaars familie om te laat te beseffen dat het aanbidden van niet-bestaande nepgoden haast hetzelfde is als dat je de gehate EU als een gouden kalf aanbidt!
    En gelijk naar die afgoden bestaat de EU totaal niet en zal hij eens, met de EU-zondaars die hem schiepen, als stof in de wind vergaan!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *