Hallo!

Dat hallo zeggen in het bos tegen mensen die je tegemoet lopen, dat vind ik zo’n dingetje. Daar ben ik niet alleen in, merk ik. Het is vaak zo onhandig. Ik probeer altijd in te schatten of tegenlopers hallozeggers zijn of hardnekkige zwijgers. Je hebt ook wegduikers, druk-in-gesprektypes en schoenenkijkers. Maar de joviale hallozeggers, die kom je niet vaak tegen.
Mensen met honden, daar kun je eigenlijk altijd wel hallo tegen zeggen. Als ze geen antwoord geven, had je het gewoon tegen de viervoeter. Daar heb je ook soorten in trouwens. Teckelbezitters zeggen altijd iets terug. Dat is een hondenmerk met vriendelijke bazen. Het zijn vaak oudere mensen, dat is geen toeval. Oude mensen zeggen altijd hallo. Altijd.
Mannen alleen, daar zeg ik geen hallo tegen of ze moeten mij als eerste groeten. Ik loop daar toch alleen in de bossen. Er zijn mannen die je met hun ‘hallo’ ook even op je gemak willen stellen. Een ik-loop-hier-helemaal-niet-om-iemand-aan-te-randen hallo. Die zijn het prettigst.
Stellen, daar zegt er altijd een hallo en de ander volgt. Die laatste zal nooit als eerste iets zeggen. Heeft er vaak geen zin in en voelt zich verplicht omdat hun medewandelaar wel het fatsoen heeft. Je onderbreekt nogal eens een gesprek met je hallo, dat leidt tot chagrijn, heb ik gemerkt. Boze blik, precies wat niet je bedoeling was.
Als ik met een bepaalde vriendin door de bossen loop, krijgen we van iedereen antwoord. Zij is het joviale ‘hallogiltype’. Heerlijk. Zij eist antwoord. Vindt ze normaal. Zij wordt zo’n toffe bejaarde later, met een teckel. Ik ben in deze combinatie de lijdzame volger. Fijn hoor, zo’n heel dwingend hallootje. Daar kan ik nog wat van leren.
Er zijn mensen die het niet willen. Die laat ik lekker met rust. Van een afstand herkenbaar. Zij die naar hun schoenen kijken, strak voor zich uit staren, sommige huilend (je komt van alles tegen hoor, tussen de bomen), ik laat ze maar. Lekker makkelijk ook wel. Ik heb het gedagzeggen niet van nature. Ik zeg het, al dan niet afgedwongen, maar ik blijf het lastig vinden.
Ik oefen af en toe thuis voor de spiegel. Ik heb er al eens iemand heel erg door laten schrikken. Dan schiet het z’n doel voorbij. Terreurhallo is nooit goed. Ik ben aan het aanpassen. Alle ‘hallostijlen’ komen voorbij, ik heb nog geen passende gevonden. Ik wil eigenlijk graag de teckelhallozegger zijn, maar ik ben meer een schoenenstarende zwijger. Dat wordt nog een hele opgave.
Misschien moeten we gewoon eens afspraken maken met z’n allen. Wel of niet. Dan is het maar duidelijk. Je loopt dodelijk onzeker door de bossen zo. Zullen we het doen zoals oude mensen met teckels doen? Vriendelijke glimlach, klein knikje met het hoofd, oogcontact en een zacht maar duidelijk ‘Hallo’. Vroeger was alles beter.

 

3 responses

  1. Lachen werkt polariserend, dus dat doe ik vaak om het makkelijker te maken. Of ze worden nog strontchagrijniger, en dan kan je ze met rust laten, of ze glimlachen terug, en als het oogcontact dan langer is dan een halve seconde zeg ik hallo. Boem! Formule!

  2. Je kunt bij Vistaprint voor een paar centen een T-shirt laten bedrukken met de tekst “Hallo iedereen!” of “Fijne dag verder!” (is tegenwoordig helemaal in) dan kun je gewoon rechtop blijven lopen. Wie belangstelling voor je heeft leest de tekst en wie niet die loopt door. Alle problemen opgelost voor een klein bedrag.
    Je kunt ook de achterkant laten bedrukken voor degenen die nog even naar je om willen kijken. Ik laat vrij wat je daar op zet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *