Recensie Zomergasten met Beatrice de Graaf

Schermafbeelding 2013-08-12 om 02.19.25Ik krijg het altijd wat warm als een ongelovige een praktiserend gelovige probeert te begrijpen, terwijl je aan alles merkt dat hij niet wezenlijk geïnteresseerd is om het écht te begrijpen. Wilfried de Jong vroeg aan zomergast Beatrice de Graaf hoe gelovig zij was op een schaal van één op tien. Aanvankelijk gaf zij een ontwijkend antwoord.

Een kwartiertje later kwam ze er nog op terug, door te zeggen dat zij dat stadium al lang voorbij was. De grootste uitdaging, legde zij uit, zat ‘m erin uit te vinden hoe jij jouw geloof, met alle eeuwenoude regels en dogma’s van dien, laat verhouden tot jezelf en tot de tijd waarin je leeft. Wilfried de Jong vroeg haar of ze, als ze zou mogen kiezen, haar werk zou inruilen om een leven als ouderling in haar kerk te leiden. De Graaf keek Wilfried de Jong vol ongeloof aan. Ze had net een kleine twee uur vol vuur over haar werk als historicus en terrorismedeskundige verteld. 

Randstedelijke arrogantie
Kortom, hoewel hij een bijzonder intelligente, autonoom denkende vrouw tegenover zich had, bleef Wilfried de Jong haar geloof als een zelfgekozen gevangenis zien. Het was een beetje als Jules Deelder die we een half uur daarvoor aan het woord hadden gehoord in het VPRO-programma Neon uit 1980. Deelder bezocht daarin West-Berlijn. “Het leuke van de muur is dat ie ons in West-Berlijn overal omringt. Zo niet in Oost. Dus wie zit er meer gevangen?”, vroeg Jules Deelder zich wijsneuzerig af. “Liever maf dan mof”, schreef hij aan het eind van het fragment op de (westkant van) de muur. Daar viel Deelder toch even van z’n sokkeltje, moet ik eerlijk bekennen.

Wellicht, bedacht ik me, was het Randstedelijke arrogantie van Wilfried de Jong, dat hij het geloof van dat meisje uit Gods vrezende Putten niet wilde begrijpen. Aan het begin van de uitzending kregen we een fragment te zien over de razzia van Putten, een stukje vaderlandse geschiedenis over De Graafs geboortegrond dat ongetwijfeld in mijn geheugen heeft gezeten, maar in de loop der tijd is wegbezuinigd. De razzia vond plaats op 1 oktober 1944 als vergelding voor een aanslag van de Puttense verzetsgroep. Uiteindelijk werden er 659 mannen afgevoerd naar diverse concentratiekampen en kwamen er 552 mensen om het leven. In de documentaire ‘Putten op de Veluwe’ vertelt psycholoog Andries van Dantzig dat hij, als gevangene in het kamp Neuengamme, geregeld heeft gezien hoe deze Puttenaars eigenlijk zonder nadenken de schop oppakte om te gaan werken, zich niet realiserend dat ze geen voedsel kregen en zich dus binnen geen tijd zouden doodwerken. Daarom zou het percentage Puttenaars dat de kampen niet had overleefd zo groot zijn geweest. Randstedelijke arrogantie, volgens Beatrice de Graaf. En een vorm van blaming the victim.

Pijnlijk
We bleven nog even bij de razzia van Putten. En wel met de documentaire ‘Op de drempel van het grote vergeten’ waaraan Beatrice de Graaf zelf had meegewerkt toen ze nog maar net was afgestudeerd. In een van de meest aangrijpende fragmenten die ik sinds lange tijd heb gezien, interviewt De Graaf een SS’er die mogelijk bij de razzia aanwezig was geweest. De SS’er zegt het zich allemaal niet zo goed te herinneren. Hij had er bij moeten zijn, maar hij was er niet bij. Ze waren vergeten hem mee te nemen. Maar dan begint zijn vrouw zich ermee te bemoeien. Die merkt dat het verhaal van haar man niet helemaal klopt. En samen met zijn vrouw, komen wij erachter dat hij er wel bij was en dat hij het zich allemaal nog wel degelijk kan herinneren. Het is zo pijnlijk, dat het bijna niet om aan te zien is. De vrouw realiseert zich beetje bij beetje wat haar man op zijn geweten heeft. Ze had er ook voor kunnen kiezen om haar man bij te staan in zijn poging de waarheid verborgen te houden. Maar ze koos ervoor om het te willen weten.

Zoals iedereen altijd de keuze heeft om het goede te doen. In een fragment uit ‘Des hommes et des Dieux‘ staat een Franciscaner monnik wiens klooster in tegenover een Moedjahedien. De Islamitische strijder wil de monnik dwingen medicijnen te geven voor zijn gewonde strijdmakkers. De monnik weigert omdat hij de medicijnen hard nodig heeft om de islamitische bevolking die rond zijn klooster woont te helpen. “Je hebt geen keus”, zegt de moedjahied. “Ik heb altijd een keus”, zegt de monnik.

Veiligheid en conflict
En daar ging het Beatrice de Graaf om. Je hebt altijd de keus om te doen wat je vindt dat je moet doen. Dat hoeft uiteraard niet betekenen dat die keus ook voor de maatschappij altijd de juiste keus is. Maar elk mens is een autonoom denkend persoon. En dat dient te worden gerespecteerd door de staat. Veiligheid, zo pleitte de hoogleraar ‘conflict en veiligheid’, behoort een wederzijds sociaal contract te zijn tussen de staat en haar burgers. Het is onvermijdelijk dat de overheid haar burgers in de gaten houdt, maar dat moet wel altijd gebeuren met inachtneming van hun integriteit en autonomie. Die veiligheid heeft immers ten doel burgers de ruimte te geven zichzelf in alle vrijheid te ontplooien, maar hoe kun je dat nog waarmaken als tegelijkertijd die autonomie aan alle kanten wordt ondergraven?

Beatrice de Graaf is een onvermoeibare babbelaar. Een soort intellectuele Fiona Hering. Ze weet precies waar ze het over heeft, heeft haar feiten altijd angstaanjagend snel paraat, kiest haar woorden trefzeker en had mooie fragmenten uitgekozen om haar verhaal mee over het voetlicht te brengen. Jammer dat Wilfried de Jong zich verplicht voelde haar geloof te begrijpen. Maar het mocht de pret niet drukken. Integendeel, eigenlijk. Het maakte nog beter duidelijk waar ze voor stond. Prachtuitzending, als u het mij vraagt.

Deze recensie verscheen ook op Sargasso.

3 responses

  1. Des hommes et des vieux??? Mannen die slechte cognac drinken? … des Dieux. En het waren geen franciscaner monniken, maar trappisten. Verder lekker opgeschreven!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *