Zoals in het buitenland

De schrik slaat mij om het hart als ik lees dat de overheid ‘naar het buitenland’ heeft gekeken en de conclusie heeft getrokken dat het zo niet langer kan. Dat is namelijk de afgelopen drie decennia steeds de aankondiging van groot onheil geweest. Van privatisering van de nutsbedrijven tot de Fyra via het uitkeringssysteem, alles wat lekker was aan Nederland is op de zeepplank gezet en vervangen door een rabiater model: ‘zoals in het buitenland’.

In the spur of the moment naar het station lopen om de trein te nemen, dat gaat niet in het buitenland. Daar moet je van tevoren een ticket reserveren. Dat systeem wordt ons nu al opgedrongen als we richting België of Frankrijk reizen. Een jeugdwerkeloosheid van 25% (vroege jaren ’80)? Dan geven we toch elke werkloze een uitkerinkie waar hij of zij minimaal van kan leven? Ondenkbaar in mijn geboorteland. En toch heeft dat systeem ons, de verloren generatie van de jaren ’80, zonder gruwelijkheden door de ergste crisis geloodst. Wat hadden we anders gemoeten, wij, de jonkies die volwassen werden onder de brede demografische parasol van de babyboomers? Wij, die nergens een baan konden krijgen omdat die tot in lengte van dagen bezet werden door een onmetelijk leger aan 40-plussers? Maar nee. Zeepplank. Weg met die uitkeringen. Anno 2013 moet iedereen zijn eigen broek ophouden, niet waar.

Toen ik hier aankwam (1984) kon ik mijn ogen niet geloven: je kon als arm jonkie in het centrum van Amsterdam wonen! Zelfs uitkeringstrekkers woonden in het centrum! Je kon werkelijk een etage op de gewildste plekken huren voor een schijntje. In Parijs was dit ondenkbaar. Appartementen rondom het 1ste arrondissement werden bevolkt door vermogenden. Of het moest gaan om stukjes van 6m2, uit tochtige zolders geknipt, die tegen woekerprijzen aan studenten werden verhuurd. Ja, daar had de markt vrij spel. In een hoofdstad van een welvarend land wil iedereen wel wonen, dus do the math… ‘Is dat dan zo erg?’ roept u. Nou, in mijn Parijse tijd prostitueerden de jongelingen (m/v) zichzelf om toch met hun vieren of vijven opgekropt in een paar vierkante meters in het centrum te bivakkeren, of ze gingen harddrugs dealen – met een gewoon bijbaantje kwam je er niet. Ik heb dat met eigen ogen gezien, en veel ook. Jongeren van allerlei pluimage, niet alleen wie voor een dubbeltje geboren was. Want jongeren willen dat coûte que coûte, in het centrum wonen. Ze willen dicht bij where it all happens zijn, dat moet van hun ontwikkelingsdrang. Het centrum van een grote stad is, als woonplek, ook veel beter geschikt voor jongeren: later in je leven krijg je toch meestal behoefte aan meer rust. Hoe opgelucht was ik toen ik de Amsterdamse situatie leerde kennen! Zo kon het dus ook. Met ruime sociale woningen, via een ranglijst te verdelen. Wat een rijkdom voor het volk!

Maar de Nederlandse autoriteiten hebben de dealende jeugd in de Parijse binnenstad blijkbaar niet gezien, noch de jongens en meisjes die met hun velen in één aftands, ongezond en onveilig kamertje sliepen, tegen een torenhoge huur. Of niet wíllen zien. Het is immers niet in hun belang om de defecten in de door hen gewenste ontwikkelingen te erkennen. Ze hebben nu ‘naar het buitenland’ gekeken, en geconcludeerd dat ze toch echt te soft voor ons zijn geweest, hier in Nederland. Sociale woningen? Ranglijsten? Voor een prikkie in het centrum van de hoofdstad wonen? Alsof dat kan in het buitenland kan! Zeepplank, helling, gracht. Weg ermee. Marktconform is het credo van de 21ste-eeuw.

4 responses

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *