Proserpina

De dood bestaat nog niet voor mijn zoontje. Er is een verhaal van Dikkie Dik dat hij een tijdje interessant vond. In dat verhaal wil Dikkie Dik met een poes spelen. Maar die poes is al heel oud en een beetje ziek en komt z’n kussen niet af. Dikkie Dik gaat met een andere poes spelen. Als ze terugkomen is de ene poes er niet meer. ‘Poes Mies is dood,’ staat er dan. Ik heb dat zinnetje nog niet kunnen voorlezen. Ik sla het altijd over. Maar mijn zoon begrijpt wel dat er meer aan de hand is.

Laatst had hij zijn speelgoedboormachine in zijn hand. ‘Als je kapot bent, dan doe je het niet meer, hè?’ merkte hij op. Mijn vrouw beaamde dat.

De dood is voor hem nog heel ver weg. Hij weet nog niet wat het is en is er ook nog niet bang voor. Je kan kapot gaan, dat wel. Maar je gaat pas kapot als je heel oud bent.

Wat hem veel meer beangstigt dan de tijd dat hij er niet meer zal zijn, is de tijd die hij er nog niet was. Wij hebben een foto waar mijn vrouw en ik op staan. En hij niet. ‘Waar was ik dan?’ vraagt hij. ‘Je was er nog niet,’ zeg ik. ‘Maar waar dan?’ vraagt hij. Mijn vrouw wijst maar op haar hart. ‘Hier,’ zegt ze. Als ik naar hem kijk, kan ik eigenlijk niet bevatten dat hij er ooit niet was.

Afgelopen vrijdagavond had mijn vrouw op volkskrant.nl een artikel over Martha Wainwright gelezen. Het stond nog open toen ik de laptop even later voor me had. In het artikel werd gerefereerd aan het laatste nummer dat haar moeder had geschreven voordat ze stierf. Martha Wainwright, zo weet u wellicht, komt uit een nogal muzikale familie. Haar broer heet Rufus, haar vader Loudon en haar moeder Kate McGarrigle.

Die laatste is vorig jaar overleden. Leeft voort in haar muziek. Onder andere in Proserpina, het nummer waaraan haar dochter refereerde. Proserpina, zo noemen de Engelstaligen Persephoné. Kort gezegd komt het verhaal van Persephoné hier op neer: deze dochter van Zeus en Demeter wordt op een kwade dag verkracht en geschaakt door Hades, koning van de onderwereld. Persephoné’s moeder, de godin van de vruchtbaarheid, is in alle staten. Ontroostbaar. Ze stort zich ter aarde en zorgt er zo voor dat het winter wordt. Dit leidt tot een hongersnood. Zeus gebiedt zijn broer om Persephoné terug naar haar moeder te sturen. Uiteindelijk komen ze tot een compromis: elk half jaar mag Persephoné naar aarde terugkeren. Als dat gebeurt, komt de lente.

Op het internet, zo vertelde Martha, bestaan er beelden van het laatste concert dat haar moeder gaf. Daarin vertolkt ze dat nummer. Het koor wordt gevormd door een aantal van haar naasten, onder wie haar dochter en haar zus. Ze balanceert op het randje van de dood, zei Martha Wainwright, op het punt om de godin te worden die ze altijd al was. Ik zocht de beelden op. Haar dochter had niets teveel gezegd. Ik bekeek vervolgens de versie die Martha Wainwright had opgenomen. Ze zingt in haar eentje. De melodie en de woorden klinken alsof ze altijd hebben bestaan.

De volgende dag bekeek ik de clips met mijn vrouw. Ons zoontje kwam ook kijken. Toen we de beelden zagen van het laatste concert van Kate zei hij nog niks. Hij keek. Als we daarna naar Martha Wainwright kijken die het lied zingt, zegt hij wel wat.
‘Ze is helemaal alleen hè?’ zegt hij.
‘Ja,’ zegt mijn vrouw, ‘ze is helemaal alleen.’

Martha zingt dat ze alles in steen zal veranderen. De herfst komt. En vervolgens de winter. Het gaat sneeuwen. Ergens rond 3.18 begint Martha ijselijk te gillen. Ze trekt er getergde grimassen bij.

‘Ze moet huilen hè,’ zegt mijn zoontje.
‘Ja,’ zegt mijn vrouw. ‘Ze moet huilen.’
Ik zit achter ze op de bank. Kan tussen hun schouders de beelden zien. De kleur in de clip verandert van koud naar warm. Martha Wainwright zingt: ‘Proserpina. Proserpina. Come home to mama, come home to mama.’ Haar stem is tot rust gekomen, het begint zachtjes te regenen.

‘Nu is ze thuis hè,’ zegt mijn zoontje. Het werd wat mistig voor m’n ogen.

Dit stukkie verscheen op Sargasso en wel hiero.

6 responses

      • Well yeah. Maar ik had het ook meer over het nummer. Het familietafereeltje vond ik meer raar. Heeft u issues met de dood? Onlangs een dierbare kwijt geraakt?

        • Nee, ik ga verhuizen. Dat wel. Dan denk je (ik in ieder geval) wat meer aan dat alles van voorbijgaande aard is. En ik denk toch al redelijk veel aan de dood. Niet dat ik eronder gebukt ga, maar ik denk er wel vaak aan. Altijd al. Komt bij dat mijn zoontje dus aan het ontdekken is dat hij er ooit niet was. En dan heb ik het nog niet eens over het ondraaglijke idee dat ook je kinderen er ooit niet meer zullen zijn. Kortom, de dood is overal en altijd en als iemand daar wat over te melden heeft, dan mag ik dat graag tot mij nemen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *