De oude Horst [1]

De oude Horst zit in zijn trouwe leunstoel en mijmert wat voor zich uit. Bijvoorbeeld over het feit dat naarmate de tijd verstrijkt er steeds minder toekomst overblijft, en dat die toekomst bovendien gaandeweg een steeds minder rooskleurig karakter krijgt. En dat hij in een tijd leeft dat deze – toch overduidelijke – waarheid niet eens meer hardop mag worden uitgesproken. Als het de zusters ter ore kwam zouden ze waarschijnlijk direct de huisarts bellen met het verzoek hem antidepressiva voor te schrijven, want tegenwoordig schenen uitsluitend positieve geluiden te zijn toegestaan. Kom, kom, meneer Horst! Kop op! Morgen is er weer een dag! Ja, zeg dat wel. Morgen is er weer een dag. Alwéér een… En net als de dag van vandaag en gisteren zou hij 24 uur duren; 24 uren die hij stuk voor stuk en in strikt chronologische volgorde zou moeten doorworstelen. En als hij nou nog een beetje uit de weg kon, maar de pijn in z’n knieën en rug beperkt z’n bewegingsvrijheid in ernstige mate, meer dan wat moeizaam rond strompelen zit er niet in. Als jongetje van tien had hij al last gehad van die rug en die knieën, maar volgens de dokter zou dat er ‘binnenkort’ wel uitgroeien. Niets aan de hand dus: Kop op, Horst! Niettemin duurde dat ‘binnenkort’ nu al zo’n 65 jaar… Hij zit dus vrijwel altijd binnen op zijn kamer, maar wat moet je daar doen? Hij kijkt vaak tv. En leest alles wat los en vast zit. Sinds enige tijd heeft hij via de email een abonnement op ‘Het weetje van de dag’. Zo is hij vandaag te  weten gekomen dat uit een onderzoek is gebleken dat 11 procent van de Britse mannen tijdens het strijken aan seks denkt. Elf procent. Tijdens het strijken. Zo stak je nog eens wat op. Of hij zelf tijdens het strijken wel eens aan seks heeft gedacht zou hij niet kunnen zeggen. Had hij eigenlijk ooit iets gestreken? Dat moest haast wel, maar hij kon het zich niet herinneren. Maar over seks gesproken: middenin de tsunami van afnemende levensfuncties had zijn libido zich merkwaardig goed staande weten te houden. Goed, ook dat was wel wat minder geworden, maar hij trok toch nog gemiddeld twee keer per week z’n feestbroek aan. De feestbroek: een onderbroek – altijd zwart, want dan zag je geen strepen – waarin hij aan de voorkant in het midden een rond gat had geknipt waar zijn penis precies doorheen kon. Want dat was comfortabeler tijdens het masturberen.

5 Reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *