Zomergasten met Molovich (13) – Spike Jonze

Connie Palmen hijst zich, met verrassend veel moeite voor zo’n vitale vrouw, in haar stoel.

Connie Palmen: Tjonge, Max. Ik weet niet hoe het met jou zit, maar ik begin aardig bezopen te worden.

Max J. Molovich: Anders ik wel, Connie.

Connie Palmen: Oh, gelukkig. Ja, als je zo op je stoel zit dan merk je het niet zo hè. Pas als je er vanaf valt, denk je ineens: héé, ik voel met wat licht in het hoofd. Nu ja, laten we verder gaan. Zal ik je nog eens bijschenken?

Max J. Molovich: Heerlijk, Connie.

Connie Palmen: Klok-klok-klok. Kijk dat glas zich eens vullen met dat dieprode goud. Dat mag me altijd weer ontroeren, wist je dat?

Max J. Molovich: Nee, dat wist ik niet.

Connie Palmen: Nee, hoe kon je dat ook weten.

Max J. Molovich: Ik had het wel kunnen raden, natuurlijk.

Connie Palmen: Ja, dat had gekund. Maar of je dat uit jezelf had kunnen raden, is weer een andere vraag. Dan had ik het je moeten vragen. “Raad eens wat dat altijd met me doet, het inschenken van een glas wijn?” Had ik je moeten vragen. En dan had jij ‘het ontroert je’ moeten antwoorden. Over ontroering gesproken: op naar het volgende fragment.

Max J. Molovich: Mooi bruggetje, Connie.

Connie Palmen: Ja hè. Ik mag dan wel een beetje tipsy zijn, voor het bouwen van een leuk bruggetje, kun je me altijd wakker maken, zelfs als ik uitgeteld op de keukenvloer lig in m’n eigen kwijl. Zo was ik een tijdje geleden op een receptie van Freek de Jonge, wiens dochter was afgestudeerd. Het was al diep in de nacht. Ik was met m’n hoofd in de huzarensalade in slaap gevallen, toen ik ineens wakker werd van het meest afgrijselijke kattengejank. Stond Hella daar, op haar naaldhakken na, volledig naakt viool te spelen.

Max J. Molovich: (Maakt van zijn handen een megafoon.) BOEIEN!!!?!!

Connie Palmen: Euh, ja. Nu goed. (Neemt een extra grote slok van haar wijn.) Eén van die naaldhakken had Hella in het dijbeen van de al bijna net zo naakte Freek gepriemd, die met zijn handen en voeten bijeengebonden op de grond lag terwijl hij het lied ‘Na de dood’ zong. En elke keer als hij ‘Na de dood’ zong, ramde Hella haar naaldhakken keihard in zijn dijbeen, waardoor zijn stem oversloeg. Nou, dus, op een gegeven moment waren ze klaar. Er klonk een enthousiast applaus dat afkomstig bleek van de handen van Frits Barend. Ik had het, kortom wel een beetje gehad, dus ik zeg: “Over de dood gesproken, waarom waren jullie niet op de uitvaart van Hans?” Nou, je had die hoofden moeten zien.

Max J. Molovich: Ja, ik moet toegeven, dat is inderdaad een prima bruggetje.

Connie Palmen: Dacht ik ook. Waar waren we ook alweer?

Max J. Molovich: Bij het volgende fragment.

Connie Palmen: Oh ja. Spike Jonze. Lid van die Neue Amerikanische Welle. Groot geworden met de muziekvideo’s.

Max J. Molovich: Precies. Het machtige Sabotage is van hem. En het al net zo fantastische Praise You. Daarnaast heeft hij ook een paar geweldige films gemaakt.

Connie Palmen: Being John Malkovich en Adaptation bijvoorbeeld.

Max J. Molovich: Allebei geschreven door het Grote Genie Charlie Kaufman, die overigens ook verantwoordelijk is voor het scenario van Eternal Sunshine of the Spotless Mind van Michel Gondry, die eveneens groot is geworden in de clipindustrie.

Connie Palmen: Als het goed is komen we over hem nog te spreken.

Max J. Molovich: Ja, als het goed is, als het goed is. Lekker makkelijk. Zo ken ik er ook nog wel een paar. “Als het goed is, komen oom Gerard en tante Annie morgen op je verjaardag”, kreeg ik te horen. En ik maar wachten de volgende dag. Totdat ik een ons woog. Bleken ze door een vrachtwagen te zijn geramd. Oom Gerard heeft gesmeekt dat ik op tanta Annie’s begrafenis zou komen, omdat ik haar ‘lievelingsneefje’ was, maar ik heb mooi voet bij stuk gehouden. Nee, dan heb je aan mij een kwaaie als je je afspraken niet nakomt.

Connie Palmen: Nou, goed dan, ik belóóf dat we er nog op terugkomen. Oké?

Max J. Molovich: Zweer je het?

Connie Palmen spuugt tussen haar vingers. Een dieprode rochel blijft aan de rand van de tafel hangen, glinsterend in het studiolicht.

Connie Palmen: Ik zweer het.

Max J. Molovich: Op het graf van je kinderen?

Connie Palmen: Ik heb geen kinderen.

Max J. Molovich: Je boeken zijn toch je kinderen?

Connie Palmen: Oh ja.

Connie Palmen barst in huilen uit.

Max J. Molovich: Kom kom, Connie. Rustig maar.

Connie Palmen: (Snikkend.) Sorry hoor, het werd me even te veel. Ik word ook soms zo emotioneel als ik gedronken heb.

Max J. Molovich: Geeft niks hoor.

Connie Palmen: Ga maar verder, Max. Let niet op mij. Gek mens die ik ben.

Max J. Molovich: Okidoki. Spike Jonze dus, Ongekroonde Koning van het Verkeerde Been. Ik dacht, wat zou ik eens van ‘m laten zien. Hij heeft zoveel gemaakt dat de moeite van het tonen waard is. Da Funk bijvoorbeeld, met die aan eenzaamheid lijdende hond die door de straten van New York zwerft met een gebroken poot en een gebroken hart. Maar uiteindelijk heb ik gekozen voor een één minuut durende commercial voor Ikea, waarin Spike Jonze met eenvoudige middelen een zielsontroerend verhaaltje over een lamp vertelt, waarna hij dat even later in een paar seconden genadeloos onderuit haalt.

Connie Palmen barst nu in een hartverscheurend gejank uit. Max J. Molovich reikt haar zijn zakdoek aan. Die onder de eigenaardige vlekken zit, maar het gaat om het gebaar. En dat gebaar weet Connie Palmen duidelijk te waarderen, te oordelen aan de dankbare glimlach die zij Max J. Molovich door haar tranen heen schenkt.

2 responses

  1. Dat beeld van dat gedumpte schemerlampje bij het vuilnis,in de regen – ik moest gelijk denken aan:

    VUILNISZAKKEN (Victor Vroomkoning)

    Zoals ze daar ‘s morgens
    op de stoep tegen elkaar aan
    geleund warmte zoekend
    in hun plastic jassen
    staan te wachten, grijs,
    vormeloos, vol afgedankt
    leven, tegelijk broos
    en weerloos. Je zou ze
    weer naar binnen willen
    halen, je ouders
    wachtend op de bus

    © Victor Vroomkoning, 1990

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *