Zomergasten met Molovich (10) – C’est arrivé près de chez vous

Connie Palmen: Weet je wat het is, kabouter Piebelzwaai… Hans werd  wat vergeetachtig naar het einde toe… soms vergat hij zelfs dat hij dronk . En dan zaten we met gezelschap te brunchen en dan schonk ik mezelf en Hans een glaasje wijn in en dan zei hij en plein public ‘nee dank je, doe mij maar iets fris’. Nou, je kunt wel nagaan hoe vernederend dat voor mij was… moest ik heel die fles in m’n eentje soldaat maken…

Max J. Molovich: Hoi Connie, daar ben ik weer.

Connie Palmen: Nee maar, kijk eens wie we daar hebben… Behaagt het meneer om eindelijk weer eens naar de studio te komen… een dag later dan beloofd…

Max J. Molovich: Ik ben alleen maar even wezen plassen…

Connie Palmen: Het is al goed, laten we verder gaan. Zal ik je trouwens een glaasje wijn inschenken.

Max J. Molovich: Nou graag Connie, daar ben ik wel aan toe.

Connie Palmen: Maar waar waren we gebleven. O ja, ik weet het weer… Euhm…. Max, als ik zeg ‘I was made for loving you’, dan zeg jij…

Max J. Molovich: KISS.

Connie Palmen: Ja, maar wat betekent het voor jou?

Max J. Molovich: Niks bijzonders.

Connie Palmen: Hè Max, doe nu niet zo flauw!

Max J. Molovich: Ik doe niet flauw, Connie. Ik weet echt niet waar je het over hebt.

Connie Palmen: Echt niet? Ik heb me anders laten vertellen dat ‘I was made for loving you’ een heel belangrijke rol heeft gespeeld in de hobby die je in de jaren ’90 uitoefende.

Er valt een kwartje.

Max J. Molovich: Ach ja, natuurlijk… goh, dat was ik eerlijk gezegd helemaal vergeten. Maar je hebt gelijk hoor… dat nummer draaide ik de hele dag door en het was een belangrijk onderdeel, zo niet hét belangrijkste onderdeel, van het ritueel dat met mijn hobby te maken had.

Connie Palmen: Ja, want het was altijd het laatste wat de meisjes hoorde die jij had uitgekozen om te vermoorden.

Max J. Molovich: Precies. Goh. Waar is de tijd gebleven.

Connie Palmen: Zeg dat wel, Max, zeg dat wel. Tegenwoordig heb je er niks meer mee hè, met seriemoorden.

Max J. Molovich: Nee, ik moet er niet aan denken. Bwuh. Ik ben er denk ik ook te lang mee door gegaan hoor. Op een gegeven moment gaat het je dan vervelen. Heb ik ook wel eens met cd’s. Het ene moment draai je het grijs, en het volgende moment heb je het ineens helemaal gehad met die muziek en draai je het nooit meer.

Connie Palmen: In tegenstelling tot de meeste seriemoordenaars ben jij nooit gepakt.

Max J. Molovich: Nee, dat is denk ik gewoon een kwestie van discipline. Je moet niet overmoedig worden. Kijk, het brengt een bepaalde macht met zich mee hè, een moord plegen. Je speelt toch met iemands leven. En dat gevoel van macht kan hoogmoed in de hand helpen. En we weten allemaal dat hoogmoed voor de val komt. Je moet altijd beseffen dat je maar een mens bent, dat je niet onfeilbaar bent. En dus niet, zoals bijvoorbeeld Ted Bundy, die ik verder trouwens erg bewonder, in een verdachte auto gaan rondrijden met valse nummerplaten. Dan weet je dat je vroeg of laat tegen de lamp loopt. En wat helemaal stom is, zijn seriemoordenaars die op zoek zijn naar erkenning. Die zo trots zijn dat ze ongestraft moorden hebben gepleegd dat ze ervoor gaan zorgen dat ze gepakt worden. Dan gaan ze brieven naar de pers sturen met daarin anagrammen van hun eigen naam verwerkt. Kijk en dan ben je niet op een zuivere manier met je hobby bezig, vind ik.

Connie Palmen: Hmmm. Is de hoofdpersoon in de documentaire ‘C’est Arrivé près de chez vous’, waarvan we zo meteen de trailer gaan zien, dan ook niet een beetje onzuiver met zijn hobby bezig? De documentaire, gemaakt door Rémy Belvaux, volgt de seriemoordenaar Ben die maar al te graag een kijkje in de keuken geeft…

Max J. Molovich: Ik begrijp wat je bedoelt. En een beetje gelijk heb je natuurlijk wel, maar het enthousiasme waarmee Benoît Poelvoorde, zoals hij voluit heet, zijn hobby uitoefent werkt ronduit aanstekelijk. Er zijn nogal wat seriemoordenaars die zichzelf bloedserieus nemen. Zoals David Berkowitz, ook wel bekend als The Son of Sam, die dacht dat de hond van zijn buurman hem de opdracht gaf te gaan moorden. Die jongen heeft er weinig plezier aan beleefd, aan zijn dagen als seriemoordenaar. Terwijl, bij Ben straalt het plezier ervan af.

Connie Palmen: Hij gaat wel heel anders te werk dan jij, hè.

Max J. Molovich: Ja, zeker. Ben gaat veel meer op zijn intuïtie af, doet waar hij op dat moment zin in heeft. Hij klopt bij een oud vrouwtje aan, ziet dat ze een hartpatiënte is en laat haar zo hard schrikken dat ze dood neervalt. Kijk, daar moet je opkomen. Dat vereist een bepaalde manier van denken. Ikzelf had destijds behoefte aan controle, deed het volgens vaste rituelen. Zoals Benoît te werk gaat, dat zou ik nooit kunnen.

Connie Palmen: Is het juist niet die afwisseling die ervoor zorgt dat het seriemoorden bij Ben, in tegenstelling tot jou, niet is gaan vervelen.

Max J. Molovich: Mja, dat zal heel goed kunnen. Het maakt me niet zoveel uit. Ik heb die periode achter m’n rug, denk er zelfs nooit aan terug. Zo’n film als deze, dat is puur vermaak. Vooral ook omdat Benoît meer is dan z’n hobby. Hij is ook nog eens filosoof, estheet, humorist en gevoelsmens. Zijn opmerking dat de liefde een geur achterlaat, zoals je ook altijd een geur aan je vingers hebt als je hebt geplast, ja dat vind ik van een grote schoonheid.

Connie Palmen: ‘C’est arrivé près de chez vous.’ Laten we gaan kijken. Trouwens, als u wilt lezen hoe Max zijn hobby als seriemoordenaar uitoefende, kunt u dat hier lezen. Zo, hebben we ook weer aan die plicht voldaan.

2 responses

  1. En dan vooral Waalse films. Komt doordat ze daar al wat langer in een crisis zitten, denk ik. Is de noodzaak om goede dingen te maken wat groter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *