Zelf abstracte kunst maken

In 1985 woonde ik in een zomerhuisje achter een kunstgalerie. Ik woonde er mooi, het was er zeer rustig, midden tussen de groenten, het gras met wat bloemen en onkruid en een paar bomen. Ik had een zeer lieve buurvrouw, met wie ik wel wat had willen aanvangen, maar dat ging niet door: ze was lesbisch. De eigenaar van de kunstgalerie was zelf ook kunstenaar en een man die niet kon schrijven, maar wel kon rekenen. Ik hielp hem vaak (hond uitlaten, passen op de galerie als hij even weg moest, stukjes schrijven over de exposerende kunstenaars, voor de krant, en later ook voor het eigen maandblad).
Het is jammer dat er niets meer over is van die tijd: de galerie is in 1997 of ’98 failliet gegaan, en van dat maandblad heb ik ook niets meer in huis. Ik sprak veel met de regionale kunstenaars, ik bezocht ook hun ateliers, en dat doe ik nu ook niet meer. Dat is eigenlijk jammer, want ik vond het, bijna zonder uitzondering, zeer aardige mensen, ook als hun werk me niet aanstond.
1985 was het Jaar van De Vele Pottenbakkerij, het was ook het Jaar van de Abstracte Schilderkunst. Tenminste, in Noord-Holland. Het was het jaar waarin je kunstkenners kon horen zeggen: ‘Dat oranje in een Mark Rothko… hemels!’ Dat ik zulke mensen niet meer in mijn kennissenkring heb, bedroeft mij veel minder.
Er kwamen in de galerie toen geregeld mensen van het KCB (Kunstenaarscentrum Bergen) buurten. Ze kochten nooit iets, maar ze dronken wel je koffie op, gingen langs de schilderijen en hadden dan geleerde commentaren zoals: ‘Tja. Dit werk is, lijkt mij, hoe zal ik het eens zeggen, niet consequent genoeg.’ Ik hoorde dat dan en ik was beleefd, dus ik zei er niets op terug, maar ik dacht wel: stik toch in je consequentie!
Ik besloot toen dat het tijd was om de dames en heren er eens in te laten tuinen. ‘Peter,’ zei ik (Peter was de galeriehouder), ‘geef mij tien lijstjes, maat: ruim A4. Met tien passe-partouts. Tien vellen stevig papier. Een stuk of wat kleuren acrylverf, een kwast en een liniaal!’ Dat gaf Peter me, ik kon aan het werk. Ik ging abstracte kunst maken. Hoe doe je dat dan, zult u vragen. Het is werkelijk zeer simpel: knijp een paar kleurtjes uit op je papier, roer er een beetje in met je kwast, en beweeg je liniaal in de kleuren, totdat je denkt: dit kunstwerk is klaar! Zo vervaardigde ik, met groot plezier, tien abstracte kunstwerken. Het schilderproces duurde niet langer dan een half uur. Ik legde die tien vellen buiten in de zon, en toen aan het einde van de dag alles droog was, ondertekende ik de tien vellen met: ‘A. Petrescu, 1965 – No title’.
Ik had een persoon bedacht, Andrej Petrescu, een Roemeen (ik dacht: daar weten de mensen niets van, van Roemenië) en kunstschilder, die zijn land was ontvlucht en naar Parijs was vertrokken. Zijn zaakwaarnemer, een Fransman van Galerie La Boucle te Parijs, was met tien van zijn werken naar Egmond aan den Hoef gekomen, waar ze geëxposeerd zullen worden van zo laat tot zo laat.
Ik schreef ook een uitnodigingsbrief aan het KCB: kom vooral langs voor deze Petrescu! Geweldig werk, dat ook nog eens zeer goedkoop is! Voorts schreef ik in mijn Boerenfrans, Engels en Nederlands een c.v. van Petrescu, met zinsneden zoals ‘Het MOMA te New York heeft in juli 1982 vier werken van A. Petrescu aangeschaft, waaronder zijn beroemde Verwoesting.’
Peter richtte zijn galerie in met mijn tien kunstwerken en met, meen ik, pottenbakwerk van weer iemand anders. De mensen van het KCB kwamen, dronken koffie, en waren overdonderd door het werk van Petrescu. Vlot kochten ze er acht van, voor in totaal f 1200,-. Peter en ik deelden de opbrengst, en we gingen, met onze uitgestreken gezichten, naar de kroeg.
Ik heb er nog één van, van die tien kunstwerken. U moet maar eens langs komen.

34 responses

  1. Grandioos verhaal. Is niemand erachter gekomen dat ze opgelicht waren, voor zover we daarover in dit geval kunnen spreken?

  2. Ik heb van niemand gehoord dat ze dat dachten, nee. Ik denk dat mijn abstracte kunstwerkjes nog wel ergens in de archieven zullen zitten.

  3. Het zit ‘m in de details. Het verhaal is niet nieuw, Jan Cremer schreef er al over, tentoonstelling loopt niet goed, even een paar abstracte dingetjes maken en onder een andere naam verkopen. En hij was vast niet de eerste die bedacht dat dit kon. Of het ooit écht is gedaan, weet ik niet. Of is dit echt, eerlijk waar, echt gebeurd, Ben? You don’t have to answer that question. Wat ik maar wilde zeggen: het zit ‘m in zo’n zinnetje als “Geweldig werk, dat ook nog eens zeer goedkoop is!” Dat heeft weer zo’n magie, Jan Cremer zou dat niet geschreven kunnen hebben.

  4. Ik heb van Jan Cremer alleen ‘Ik Jan Cremer’ gelezen, toen ik 14 of 15 jaar was. Dat vond iedereen een geweldig boek, en ik vond het een rotboek. Opschepperij. Of het verhaal in dat boek stond, weet ik niet meer. Het zou kunnen dat ik het ‘verdrongen’ heb!

    • Ik geloof beslist dat je het zelf bedacht hebt, zonder hulp van Jan Cremer. Dus dat je het inderdaad vergeten was, of dat het in Ik Jan Cremer II stond. Of dat ik het verhaal ten onrechte aan Jan Cremer toeschrijf. Hoewel die kans klein is, ik vind het wel een echt Jan Cremerverhaal, al hoort er dan natuurlijk geen zelfbedachte schilder bij – Jan Cremer kon gewoon niet van echt te onderscheiden Picasso’s maken.

      • Dat laatste wist ik ook helemaal niet! Maar een Picasso namaken is natuurlijk ook niet zo’n probleem.
        Ik heb een schilder uit Alkmaar gekend die zei dat hij op een keer zeker een Magritte zou gaan maken. Ik zou niet weten of hij het inderdaad heeft gedaan, maar dat lijkt me een stuk moeilijker dan een Picasso.

  5. Een paar maanden geleden is er toch een boek verschenen waarin iemand uit de doeken doet dat hij ongeveer hetzelfde heeft gedaan? De namen heb ik vergeten, er was een groot artikel over in Der Spiegel. Mensen uit de kunstwereld waren er zeer verbolgen over.

    Hier zijn twee andere voorbeelden. Een hele groep die nu wordt aangeklaagd en die gevangenisstraf van 2 tot 10 jaar dreigt:
    http://www.rp-online.de/kultur/mehr_kultur/Faelscherskandal-weitet-sich-aus_aid_1002289.html

    Een creatieve E-bay verkoper die zijn eigen schilderijen wist op te waarderen tot dure kunstwerken:
    http://www.berlinkriminell.de/2/gericht_akt350.htm

    Ik hoop dat het ondertussen verjaard is Ben. Of dat je de namen hebt veranderd.

  6. Dat ‘waaronder zijn beroemde Verwoesting’ vond ik erg mooi. Hoewel ik het wel wat ongeloofwaardig vond dat het MOMA vier werken had aangeschaft. Dan had je toch wel wat meer dan 150 euro per werk kunnen vragen. Het honderdvoudige of zo.

    Is dit nu strafbaar?

  7. Ja, het is denk ik strafbaar, maar het is in 1985 gebeurd. Dus dat is verjaard, reken ik maar.

    Ik ben er al van jonge leeftijd van overtuigd dat kunstenaars bij mij moeten komen. Dan maak ik de titels voor hun werken, want dat kunnen ze zelf niet.

  8. Schitterend verhaal. Zo heb ik eens nagedacht over een levend kunstwerk waarin ik de vrouwelijke bezoekers van een galerie laat participeren. Dat ik iemand op kunstzinnige wijze penetreer terwijl haar man ernaast staat en ‘interessant, interessant’ mompelt. Ik heb dat idee nooit uitgewerkt.

  9. Helaas is dit soort acties in het huidige Google-tijdperk moeilijker te realiseren. Een beroemd kunstwerk zonder Google-hits wekt argwaan. Of je moet recensiesites in het complot betrekken.

    • Daar heb je gelijk in, want de mensen zoeken eerst alles op: het MOMA, Petrescu, De Verwoesting, noem maar op. En van Google win je het niet.
      Vandaar dat je dit soort verhalen in het verleden moet plaatsen.

  10. Je vraagt wel veel van de participatie van de man, Tom. Ik heb eens het volgende scenario bedacht. Een man, een vrouw en ik staan in een galerie, voor een zwarte deur. Ik open de deur en ga er met de dame door. Dame maakt kreetjes (‘Oh!’, ‘Oh nee!’ etc.), en tenslotte doe ik de deur, mijn rits sluitend, weer open. Dame schikt nog even haar jurk. Einde scène.

  11. Ja, ik vraag veel. Daarom moet het goed gebracht worden. De participatie moet aanvoelen als een eer. Het koppel moet er later nog trots over kunnen vertellen op feesten en partijen.
    Wat is de rol van de man in jouw scenario? Is hij op de hoogte of overvalt het hem?

  12. De man zit niet in het complot, of eventueel wel. Hij zou ook ‘Interessant!’ kunnen mompelen, terwijl wij achter die deur staan met een kopje koffie in de hand.

  13. Mooi!! Ik heb zelf ooit eens wat vuilnis bijelkaar geplakt en in een kunsttentoonstelling van me werk geplaatst. “No time for love, Dr. Jones” door Dave Davidson, ofzo. Niemand die het weghaalde, zelfs niet toen de tentoonstelling opgedoekt werd. Het bleef eenzaam staan in de vitrine.

  14. Zoals Wouter al zei: meer mensen hebben het gedaan. Ik ben zelf een onontwikkeld persoon – ik weet niet hoe ik een vierkant wit moet maken op de computer, ik weet niet hoe een fototoestel werkt, ik weet nauwelijks iets van de hedendaagse literatuur – maar van de abstracte kunst van rond het jaar 1985 weet ik wel iets. Er is nog één kunstwerk van over, De vrouw geheten, het hangt in mijn slaapkamer en elke keer als ik er naar kijk, verschijnt er een slimme, Roemeense glimlach op mijn gezicht. Helaas heb ik geen fototoestel, dus de geïnteresseerden zullen naar Egmond aan Zee moeten komen om het kunstwerk te aanschouwen.

  15. Daar zeg je iets, OZ! Max en zijn zoon, Wouter en Berend zijn al eens bij me thuis geweest, vorig jaar, dat was rond de tijd dat Alice is gestorven, en ook later nog zijn Max en Wouter nog eens geweest (ik denk omdat ze dachten: die Ben, die wordt depressief, wat goed ingeschat was).
    Het Egmondsch Museum bijvoorbeeld is zeer klein, maar ook zeer bezienswaardig, als je tenminste belangstelling hebt voor de zeewaardigheid der Derpse bevolking. De terrassen zijn ook enig, hier. (Ik moet vanzelf enige reclame maken voor de plaatselijke middenstand.)

  16. Deal Ben, ik zal jouw halte in mijn “Tour de Hollande” passen. Ik bezoek deze zomer allerlei blogredacties. Te beginnen met Haarlem a.s. zaterdag (GeenCommentaar), gevolgd door Tilburg (Kutbinnenlanders) twee weken daarna.

  17. Deal, OZ!
    Als je naar Haarlem gaat, kun je ook wel even langs bij het Raarlems Dagklad.
    En als je naar hier komt, moet je me maar van te voren even mailen voor mijn adres.

  18. Dat kunstenaars geen titels kunnen bedenken (@ 5 juli 2011 om 22:28), dat is weer eens een van jouw bold statements, Ben. Mijn vroegere lievelingskunstenares noemde al haar werken Untitled, wat precies klopte. Mijn huidige lievelingskunstenares (dank Ctrl-C!) geeft haar werken juist titels mee als ‘my gaze in my inner and outer body in the meteorology of the space’, die ook al precies kloppen, en die jij niet bedacht zou hebben.

  19. Nee, die zou ik niet bedacht kunnen hebben, maar op welke wijze klopt die titel trouwens? Wat bedoelt ze met inner body? Hoe weet ze welk weer het in de ruimte is?
    De titels die ik bedenk (en bedacht heb voor sommige kunstenaars) zijn, zou je kunnen zeggen, Magritte-titels. Magritte haalde er ook zijn vrienden bij, als hij weer eens titels nodig had. Dat zouden meer kunstenaars moeten doen.

  20. Dat heeft Steven Pont mijn lieveling kinderpsycholoog, vandaag via Twitter gedaan: hij vroeg ons een betere titel te verzinnen voor zijn boek over de ontwikkeling van 0-4 jaar dan Stap voor Stap. O ik ben zo gek op die man. Hij heeft zulke goede tips.

  21. Ik heb gezegd: “De Magische Jaren”. Het gaat het naturellement niet halen. Ik ben een slechte titelbedenkster. Helaas pindakaas. Je kan ook niet goed in ALLES zijn, he. O maar wacht es ff: “Het Menselijk Tekort”, dat was een goeie!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *