Portret van een Legende – Otis Redding

Otis Redding

Het is oktober in het jaar 1962 wanneer bluesgitarist Johnny Jenkins een uitnodiging krijgt om aan een opnamesessie deel te nemen in de studio van het jonge platenlabel Stax. Jenkins, wiens stijl later van grote invloed zou zijn op het gitaarspel van Jimi Hendrix, is echter niet in het bezit van een rijbewijs en gaat op zoek naar een chauffeur. Jenkins vindt een gewillig slachtoffer in de zanger van zijn band en vertrekt samen met de boomlange plattelandsjongen vanuit Georgia naar Memphis, Tennessee. Hier aangekomen neemt Jenkins’ chauffeur plaats achter de piano en terwijl hij op zijn passagier wacht, die dan een verdieping hoger in de opnamestudio bezig is, trekt hij de aandacht van muzikanten Al Jackson en Steve Cropper. De klanken van het zelfgeschreven These Arms Of Mine scheuren door de kamer en het levert de dan eenentwintigjarige Otis Redding diezelfde dag nog een platencontract op.

Otis Ray Redding junior is drie jaar oud als hij met zijn familie van Dawson naar Macon verhuist, in de staat Georgia. Als kleine jongen werkt hij op de boerderij van zijn ouders en zingt in het plaatselijke gospelkoor en de schoolband. Om zijn familie financieel te kunnen ondersteunen, laat Otis de middelbare school voor wat het is en probeert met zijn stem wat bij te verdienen. Wanneer hij zich aansluit bij de groep The Upsetters, voorheen de begeleidingsband van stadsgenoot en Otis’ grootste inspirator Little Richard, begint hij mee te doen met talentenjachten. Na vijftien keer op rij te hebben gewonnen, een prijs van vijf dollar, mag hij echter niet meer meedoen en besluit hij zijn heil te zoeken in het clubcircuit.
Het is in deze clubs waar hij in aanraking komt met, en uiteindelijk de zanger wordt van, de groep The Pinetoppers van leadgitarist Johnny Jenkins.

Als in 1962 de single These Arms Of Mine uit wordt gebracht, scoort Otis hiermee slechts een kleine hit. In het dan nog hevig gesegregeerde zuiden van de Verenigde Staten lukt het hem niet om uit de zwarte R&B-scene te breken en door te dringen tot de blanke, en lucratievere, popscene – iets wat tijdgenoten James Brown, Little Richard, Jackie Wilson en idool Sam Cooke wel al is gelukt. Wel weet hij, mede dankzij de rest van het in 1964 gelanceerde debuutalbum, direct zijn stempel te drukken op de soulmuziek. Zijn eerste album, Pain In My Heart, levert vier singles op, waaronder de titelsong. Hoewel deze singles allen slechts een bescheiden plek in de hitlijsten weten te veroveren, ontbreekt het Otis niet aan populariteit. De sound van Otis Redding wordt bepalend voor de grote lijn van Stax en inspireert de eigenaar van Atlantic Records uit New York, Jerry Wexler, om met zijn artiesten naar Memphis af te reizen voor een flinke dosis inspiratie. Deze samenwerking met Booker-T and the MG’s, de huisband van Stax, levert grote hits op voor artiesten als Wilson Pickett, Sam and Dave en Aretha Franklin.

Een jaar na het verschijnen van Reddings eerste album, wordt in 1965 het tweede album The Great Otis Redding Sings Soul Ballads uitgebracht. Ook dit album levert niet de gewenste grote hit op; zijn grootste succes boekt hij met het nummer Mr. Pitiful dat niet verder komt dan een magere 41e plaats in de hitlijsten. Wel weet Otis zijn bankrekening nog wat te spekken dankzij een lucratieve deal met Coca Cola.
Nog geen jaar later, eveneens in 1965, wordt het derde album van Otis Redding gereleased – Otis Blue. De eerste single van dit album slaat in als een bom en bereikt een 21e plaats in de Amerikaanse popcharts en haalt maar nét de eerste plaats in de R&B-hitlijsten niet. I’ve Been Loving You Too Long is dat jaar niet van de radio weg te denken. Ook de tweede single, de iets kleinere hit Respect, mag op veel media-aandacht rekenen. Twee jaar later zou een andere versie van dit nummer wél een grote hit worden. Otis, opgegroeid in een omgeving doordrongen van rassenscheiding en de strijd voor gelijke rechten, neemt ook Sam Cooke’s  A Change Is Gonna Come op, maar deze wordt uiteindelijk niet als single uitgebracht.
In Europa weet Otis Redding inmiddels de aandacht te trekken met covers van My Girl en Satisfaction.

In 1966 verschijnen er wederom twee albums – The Soul Album en Complete & Unbelievable: The Otis Redding Dictionary of Soul. Het eerste album levert slechts één single op, Just One More Day, het tweede album is goed voor vijf stuks, waaronder Fa-Fa-Fa-Fa-Fa (Sad Song) en de bewezen hit Try A Little Tenderness. Buiten de Verenigde Staten is Redding met name in Engeland mateloos populair. Zijn muziek is van grote invloed op de Engelse popwereld en het toonaangevende muziekprogramma Ready Steady Go besteed een van haar liveshows geheel aan Otis Redding. Het is tijdens deze show dat Redding zijn befaamde live-versie van Sam Cooke’s hit Shake ten gehore brengt. Deze uitvoering zal later door de Rock And Roll Hall of Fame worden uitgeroepen tot een van de “500 songs that shaped Rock And Roll”.

Gouden tijden breken aan voor Otis Redding. Een jaar na zijn dan al legendarische optreden in Engeland ligt de wereld aan zijn voeten. Hij brengt samen met zangeres Carla Thomas een album met duetten uit en wordt gevraagd voor een optreden op het gigantische en invloedrijke Monterey Pop Festival in Californië. Hier staat hij voor een publiek van 30.000 man en speelt het festivalterrein compleet plat. Het is Otis’ eerste optreden van deze omvang en zijn succes op dit overwegend blanke festival betekent zijn definitieve doorbraak bij het grote publiek.  Klaar voor het echt grote werk duikt Otis in het najaar van 1967 opnieuw de studio in voor een volgend album. Het laatste nummer dat hij voor dit album opneemt is er een die compleet anders is dan alles wat hij tot dusverre heeft uitgebracht, het zachte en meer akoestische Dock of the Bay. Wanneer men hem in de studio vraagt waarom hij een nummer als dit heeft geschreven, antwoordt Otis dat het tijd is voor een nummer 1-hit.

Het is 10 december 1967 wanneer Otis Redding na een show in Cleveland op het vliegtuig stapt naar Madison, Wisconsin voor een volgend optreden. Ondanks het noodweer die dag wordt besloten toch de lucht in te gaan, Otis miste zelden een optreden en was dat ook nu niet van plan. Een dag later wordt het lichaam van Otis Redding op de bodem van Lake Monona, net buiten Madison, gevonden nadat het kleine tweemotorige vliegtuig is neergestort. Slechts een van de zeven passagiers overleeft de crash. Dock of the Bay, slechts drie dagen voor de dood van Redding opgenomen, wordt door Stax haastig afgemaakt. Otis was van plan geweest de opnames voor het nummer na de optredens af te ronden, zo moest hij nog een couplet inzingen wat hij nu voor het gemak maar even had ingefloten, omdat hij tijdens de opnamesessie de tekst was vergeten. Een maand na de dood van Otis Redding werd Dock of the Bay uitgebracht en bereikte de nummer 1-positie in zowel de pop- als R&B-lijsten. Het was hem dan eindelijk gelukt.

Met het materiaal dat Otis Redding in de aanloop naar zijn dood had opgenomen, verschenen in de daaropvolgende jaren nog drie albums met uniek materiaal, zoals het kippenvelgevende I’ve Got Dreams To Remember. In totaal zijn er bijna dertig verschillende albums van Otis Redding verschenen, van live-opnames tot verzamelalbums, het laatste dateert van 2010. Het laat zien dat Otis een van die uitzonderlijke muzikale grootheden is, die de tand des tijds met verve kunnen doorstaan. Bij elke toon die hij aanslaat snijdt zijn unieke, rauwe stemgeluid dwars door je heen en weet hij tot diep in de ziel te raken. De muziek van Redding is doorspekt van zijn geloof in de universele kracht van muziek en de mogelijkheid om door elke barrière, of dat nu taal of ras is, heen te breken. Otis was een van de eerste zwarte artiesten met een blanke manager en een gemixte band, iets wat vrijwel ondenkbaar was in die tijd. Otis verbond mensen en rekende af met vooroordelen en de kracht van zijn muziek is na meer dan veertig jaar nog immer een bron van inspiratie voor fans en muzikanten wereldwijd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *