Where do you go to?

Ik heb altijd de hoop gehad groots en meeslepend te leven. In elk geval grootser en meeslepender dan bijvoorbeeld mijn moeder: geboren in een Limburgs dorp, opgegroeid, huisvrouw, kinderen, bejaardenflat allemaal in datzelfde Limburgse dorp. Met een dergelijk referentiekader is groots en meeslepend leven natuurlijk een fluitje van een cent. Ik ging op kamers, dat was al een behoorlijke stap in de richting, in die tijd, in die omgeving. Op de eerste dag in het studentenhuis stond ’s avonds de radio aan. Zoals elke maandag rond die tijd was er Candlelight met Jan van Veen. Hilarisch programma. Na het eerste gedicht werd de intro van Peter Sarsted’s ‘Where do you go to my lovely’ gestart. Dat zag ik om een of andere reden als een teken.

‘Where do you go to my lovely’ gaat namelijk over Marie Claire, die in de sloppen van Napels geboren is, maar zich een weg omhoog ge…euh…werkt heeft, in een fancy appartement aan de Boulevard Saint-Michel woont en bevriend is met de Aga Khan. In de zomer gaat ze naar Juan les Pins, in haar zorgvuldig uitgekozen topless bikini, en in de winter vind je haar in St. Moritz, bij de après-ski met een Napoleon brandy in haar hand. Kortom, deze vrouw heeft zichzelf duidelijk een stapje hoger op de maatschappelijke ladder geplaatst.

‘Doe als Marie Claire’, dacht ik die avond. En dus nam ik vanaf dag 1 als studente de social climbing positie aan. Het eerste dat ik deed was mijn Limburgs accent afschudden. Dat ging verbazingwekkend snel en goed. Toen kreeg ik een vriend die de zware last van oud geld meezeulde. Het jaar met hem gebruikte ik om de sociale codes van de upperclass onder de knie te krijgen. Ik studeerde af, kreeg een baan en nog een. Tot ik werkzaam was bij een groot adviesbureau, waar ik met collega’s en klanten omging die precies pasten in het droombeeld dat ik had van een geschikte werkkring. Ik trouwde, niet met een miljonair, nee dat dan weer niet, maar toch… Vakanties, literatuur, cultuur, wijn, het kon allemaal niet op.

Tot ik zo rond mijn 32ste abrupt de aansluiting met Marie Claire verloor. Twee kinderen, een huis in Suburbia, muntthee in plaats van brandy… not quite like Marie Claire. Aan de andere kant: ‘And remember, just who you are’, staat ook in het lied. Maar omdat ik blijkbaar inderdaad gepredestineerd ben ‘te doen als Marie Claire’, pak ik nu na tien jaar de draad van haar leven weer op en verhuis naar Parijs. En verdomd als het niet waar is: ik zit gisteren in de auto en ik hoor Peter Sarsted nog eens voorbij komen.

Op dat moment valt me pas op hoe ontzettend jaloers de kerel die het niet gemaakt heeft lijkt. De verteller van het verhaal, degene waar Marie Claire als kind mee door de straten van Napels zwierf. De man die denkt te weten dat alle welvaart slechts leegte en eenzaamheid bracht, daar in dat fancy appartement in Parijs. Zo’n type dat zelf geen initiatief neemt en blijft zwelgen in zelfmedelijden, onderwijl de succesvolleren naschamperend. Hij blijft zuur achter en mag blij zijn dat iemand ‘m nog een rolletje geeft als cynische verteller in een lied. Ik besef dat mijn inspiratiebron helemaal niet Marie Claire is, maar juist deze achtergebleven naamloze vriend uit het verleden. Mijn ambitie om groots en meeslepend te willen leven, komt voort uit het niet zo willen worden als hij. En het zou me niet verbazen als Marie Claire er ook zo over denkt.

Cause I can look inside your head.

10 responses

  1. Sorry mensen, ik zou met liefde op jullie willen reageren, maar de Aga Khan staat zo meteen voor de deur. Hij brengt me een renpaard, een vroeg kerstkado. Ik ken de tekst, dus ik weet alles al.

  2. Ik neem iedere zondag een ‘social climbing position’ in tussen 13.00 en 13.01 uur. Langer gaat niet want dan krijg ik kramp.

    • Dat verklaart natuurlijk ook mijn verkrampte reactie op sommige zaken. Die positie is zeer ongezond. Ik snap dat nu.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *