Alternatief

Onlangs sprak ik een aangetrouwd familielid met een gezwel achter zijn oog. De man is nogal van de alternatieve geneeskunde. En ik ben dat niet. Hij is nogal tegen de reguliere geneeskunde. En ik ben dat niet. Ik wist dat hij bij voorbaat af zou zien van eventuele operaties en bestraling en chemo. Ik wist ook dat het geen zin had om met hem in discussie te gaan. Ik heb er te weinig verstand van om met goede argumenten te komen. Wel vreemd, want het kan zijn dood betekenen.

Hij had het over een lamp waarvan de trillingen het gezwel zouden moeten doen slinken. Verder sprak hij over een Russische cijfergoeroe. Die had theorieën over salamanders waarbij de staart gewoon weer aangroeit als je die er af hakt. De Russische cijfergoeroe redeneerde dat wat een salamander kan, een mens ook moest kunnen.

Ik vroeg ‘m wat de dokters tegen hem hadden gezegd. Die probeerden hem keer op keer over te halen om geopereerd te worden. ‘Je bent nog jong’, hadden ze gezegd. Het was gemakkelijk te verwijderen, de kans van slagen was erg groot. Maar hij moest bestraald worden en dat weigerde hij. ‘Er zijn heel veel voorbeelden van mensen die het niet gehaald hebben’, zei hij. Ik zei dat er ook heel veel voorbeelden waren van mensen die een alternatieve route hebben gevolgd en die het niet gehaald hebben. ‘Dat zou kunnen’, zei hij.

Wat ik vreemd vindt is dat dit soort mensen de reguliere medische wetenschap zo wantrouwen. Ze geloven eerder een Russische gek die iets vaags over salamanders beweert, dan iemand die ervoor door geleerd heeft. Ze hechten meer waarden aan onbewijsbare uit-de-nek-kletserij, dan aan de bevindingen van een een strak gedocumenteerd systeem dat voortdurend bezig is gaten in zichzelf te schieten om zo beetje bij beetje tot een oplossing te komen. Dat die oplossing vooralsnog verre van ideaal is, zou toch niet moeten betekenen dat je dan maar alle hoop vestigt op een vage lamp en een geflipte Rus?

Misschien is dat juist de aantrekkingskracht van alternatieve geneeskunde en andere pseudowetenschap. Dat de theorieën niet bewijsbaar zijn. Je moet erin geloven. Als de behandeling niet aanslaat, gelooft de patiënt er niet genoeg in. Of iemand in de omgeving van de patiënt staat er te cynisch tegenover en zorgt voor een negatief energieveld. Het klopt altijd.

5 responses

  1. Ja, Max, het is jammer. Ik heb een vrouw gekend, een jaar of twaalf geleden, die een gezwel had in haar knieholte, geloof het of niet, die ook naar alternatieve geneesheren ging, en die een jaar later stierf. Aan de gevolgen van die zwelling, die heel makkelijk operatief verwijderd had kunnen worden. Dat wilde ze niet.
    De ene mens is stom, de andere is wat slimmer.
    Waarschijnlijk (lijkt mij) word je met een gezwel achter de oogkas, blind aan dat oog. Dat is altijd nog beter dan niets. En ja, je wordt tijdelijk kaal. So what!

  2. Ik had dit stukje nog even ‘Komt een man bij de Russische cijfergoeroe’ genoemd, maar vond het toch niet kunnen. Dit omdat het over het leven gaat van iemand die ik ken. Vond het wat ongepast. Wat jammer is, want het is wel een aardige titel.

  3. Je hebt inderdaad beter geoordeeld. Maar is er nu geen kans om dat aangetrouwde familielid tóch naar de reguliere gezondheidszorg te krijgen?
    De vrouw over wie ik het had ging uiteindelijk naar het ziekenhuis, maar het was al veel te laat. Ze stierf een paar weken later, er was niets meer aan te doen. (Een agressieve botkanker plus lymfeklierkanker, er was misschien nooit meer iets aan te doen geweest, moet ik eerlijk zeggen, maar in elk geval had ze er íets aan kunnen laten doen.)
    Als de medici nu tegen je zeggen: er zit een gezwel achter je oog, dan ga je toch verder met die medici! Dan loop je toch niet naar een cijferende Raspoetin!
    Ik begrijp zulke mensen niet.

  4. Nee, volgens mijn vrouw lukt dat echt niet. Hij woont in een commune-achtig dorp waar ze elkaar hebben opgezocht. Dat steekt elkaar maar aan en loopt bij mekaar folders in de bus te doen over energiebanen en antroposofische tofuyoghurt e.d.

  5. Ja, dan is het echt gedoemd te mislukken. Godverdomme!, dat dat soort ongelukskampen nog bestaan! Ik weet nog wel dat er in de jaren zeventig een stel veganisten (da’s ook heel gemeen, hoor!) neerstreken ten zuiden van Limmen (N.H.). En wat wouen jullie nou, vroeg ik eens aan één van hen. Wij willen dat de wereld verandert, zei die gozer. Lang haar, enzovoorts, niet naar de douche geweest, al wekenlang niet. Je kon hem al vanaf tien meter ruiken.
    ‘En dat doe je door hier allemaal bij mekaar te kruipen?’ vroeg ik. Daarop kreeg ik geen antwoord meer. Groentenboer De Winter, die nog het dichtst gelegen was bij hun ‘opslagplaats’ (zoals hij het noemde) lichtte me later in: ‘Het waren varkens, werkelijk waar. Zoals ze aten.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *