Stijloefeningen (56) – Ruud Lubbers

I step out of the bus while I push my son forward in his little babywagon. My son sleeps like an ox. It’s raining pipes of steel and I’m going to the Public Library to find Stijloefeningen from the French writer Raymond Queneau. The square around Central Station is a mess. There’s a building anger in Amsterdam, you wouldn’t believe. Nothing but mud and sand here. Kandahar near the IJ.

Before the library a woman stops me. She has black curles, a well conceived figure and a French accent. She asks me if this is the post office. I have to disappoint her. There used to be a post office at this spot, but it’s been moved. She shows me a little piece of paper. ‘Raadhuisstraat,’ I read. That’s the place where she should go! But when I want to tell her, she turns her head to a car that’s moving away from us. And while I’m trying to explain the way to the post office, she starts to run towards the car. When she turns, I accidentally touch her behind. I watch her run away. She has a very nice, very vivid behind.

Above, on the second floor (or third floor as the Americans say, I believe) I’m looking for Stijloefeningen. But the book is footsy. I look and I look, but nothing. I look on the computer and according to the computer the book is where it’s supposed to be. But the book isn’t where it’s supposed to be. The book is vanished up in smoke. The search for Stijloefeningen is shifted from a ‘yes, but’ to a ‘no unless’. I decide to ask an assistent to look with me. But even he cannot find the book I’m looking for. He advises me to send an e-mail to the magazine. I send an e-mail and fifteen minutes later I receive an e-mail back, saying that the book is on the shelve. You can imagine that my wooden shoe breaks at this very moment.

About one hour later, not far from home, I find baby shoes for my son.

5 responses

  1. De grap van de week: I sent an e-mail to the magazine. Je hoort het zo uit de mond van de voormalige premier en billenknijper b.d. komen.

  2. It’s raining pipes of steel, vond ik zelf eerlijk gezegd wel fraai. Die zouden de engelstaligen best over mogen nemen. Overigens had hier ook prima Wim Kok of, hoe heet ie, Van de Broek, kunnen staan, maar die knijpen niet in billetjes. Of staan daar niet om bekend.

  3. Die pipes of steel zijn inderdaad ook mooi, maar die deden me toch teveel denken aan een stuk van Rudy Kousbroek, die eens een sprookje had ‘vertaald’ naar het Engels.
    Het zou misschien een aardig idee zijn om een vertaling Engels-Nederlands te maken, zodat je krijgt: Het regende katten en honden. Het is wel vreselijk moeilijk om dat goed te doen.

  4. Ik had eerst ook ‘it rains cats and dogs’, maar toen kwam ik dus op het idee om Nederlandse uitdrukkingen te vertalen.

    Die Engels-Nederlandse vertaling is inderdaad wel een aardig idee.

  5. Het liedje ‘Tuut tuut tuut, de groeten van Ruud’ is in de jaren ’90 door Andre van Duin geschreven en gezongen en ik heb het hier namelijk op Nurks geplaatst omdat het juist iets filosofisch uitdraagt en dan speciaal over Ruud Lubbers zoals hij het in 2017 had over de 25.000 “migranten’ die hier in Nederland binnen zouden moeten worden gelaten. Het gaat hier als volgt:

    1. In dit lied luistert Lubbers totaal niet naar de vragen van Andre van Duin, gelijk aan het Nederlandse volk, die hij steeds krijgt.

    2. Dat de vuilnisman voor de deur staat daar worden de desbetreffende “immigranten” mee bedoeld die Lubbers persoonlijk beslist NIET nodig heeft!

    3. Lubbers zal lang niet altijd voor zijn familie zijn opgekomen, gelijk naar het “cadeau” dat hij aan Ria schonk, en met zeep kan hij zijn ziel niet schoonwassen!

    4. De begrotingstekorten, de miljoenennota en het milieu hebben Lubbers vast niet erg aan het hart gelegen en hij is inderdaad een soort bankovervaller die zijn eigen loket bezit om hier miljoenen guldens en later euro’s voor zichzelf en de EU vanaf te halen.

    5. De soep die Lubbers op het terras consumeerde zal ook veel heter zijn geweest dan hij verwachtte met zijn regeerperiode en hierna werd “afgekoeld” met een enorme plensbui!

    6. Als Lubbers inderdaad bij de marine zat in een onderzeeër (ivoren toren) dan heeft hij inderdaad totaal niet meegemaakt wat voor een geweldige puinhoop zowel hij als zijn opvolgers in Nederland hebben aangericht!

    7. Van Nederlandse kunst heeft Lubbers vast niets meegekregen of verwaarloosd en zijn labeltje en zijn regenjas waren inderdaad vast niet erg waterproef.

    8. De veiligheidspeld die hij doorslikte heeft hij natuurlijk gebruikt om vooral zichzelf goed te beschermen tegen zijn eigen demente en dwaze ideeën!

    Tuut, tuut, tuut, de groetjes van Ruud en daarbij is hij al in 2018 overleden en voorgoed uitgetuut!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *