Een scherpzinnig betoog

‘Zij willen een scherpzinnig betoog en zij laten zich niet beetnemen,’ zei Alfons de Ridder ongeveer, te Rotterdam, in de jaren dertig of vijftig, toen hij daar een voordracht moest houden. Daarop zei Karel van het Reve in de jaren tachtig: de mensen willen zich juist laten beetnemen, Alfons! Had dat toch wat handiger gedaan, dan was je een veel groter schrijver geweest dan die eenvoudige Willem Elsschot.
Ik ben het met Karel van het Reve eens: Elsschot is na Multatuli de beste schrijver in het Nederlands. Hij zal zo lang gelezen worden als de Nederlandse taal zal blijven bestaan. We kunnen nu trouwens wel aannemen dat Karel van het Reve eenzelfde rol zal blijven vervullen. Hij is ook één van de zeldzame schrijvers bij wie je voelt alsof je een voetzoeker afsteekt, als je sommige zinnen van hem leest.
Ik wil een andere schrijver noemen: Ruth Rendell. Crime writer, dus dat kan niets zijn, zult u misschien zeggen. Rendell heeft in 1976 een boek gepubliceerd dat A demon in my view heette en dat in het Nederlands, om een of andere reden, heet: De bezeten minnaar. In dat boek zitten allerlei toevalligheden, zoals in alle crime novels, dus dat boek geeft niet een goed portret van een seriemoordenaar (zo dat ooit al zou kunnen), noch een beschrijving van de werkelijkheid. Maar welke lezer zit ook te wachten op de werkelijkheid, hij kan naar buiten kijken.
Zo’n toevalligheid is bijvoorbeeld dat die seriemoordenaar (die overigens gestopt was met dat seriemoorden: hij had een etalagepop in een kelder…) Arthur Johnson heet, en dat hij in contact komt met een Anthony Johnson, een student. Had die Clarence C. Clarke geheten, dan had die hele roman niet bestaan.
Maar ik heb dat boek toch met veel plezier gelezen, ondanks die toevalligheden. Het slothoofdstuk bijvoorbeeld had ik niet zien aankomen. Zeer goed geschreven dus.
Dit was een stukje om enig tegenwicht te bieden aan al die Tirza-liefhebbers (‘Wat is een tirza dan?’ vroeg ik me af), die van literatuur verder geen verstand hebben.

12 responses

  1. Ik help het je hopen Ben, dat Karel van het Reve nog lang gelezen zal worden. Maar ik vraag het me af. Nederlandse schrijvers worden na hun dood rap vergeten. Wij hebben die traditie kennelijk. Hun boeken worden niet meer herdrukt. Verhalen verschijnen niet in bloemlezingen. Vestdijk? Wie zegt u? Inderdaad Elsschot en Nescio zijn overgebleven, die worden nog steds herdrukt, verfilmd, verkocht en gebloemleesd en geciteerd, twee excentriekelingen.

    Al lang voor Arnon Grunberg Tirza schreef was er al een dichter -Rhijnvis Feith- die in 1784 een sentimenteel drama schreef met als titel Tirza. Verder: vermeldingen in de Bijbel zijn zeer schaars, en staat vaak niet in de namenregisters van de Bijbel. Tirza is in de Bijbel te vinden: – numeri 26:33 en 27:1 (als persoonsnaam; dochter van Zelafead) – Jozua 17:3 (idem) – Hooglied 6,4 (naam van een stad). `Gij zijt zo schoon, oh mijn liefste als Tirza`.

  2. Wij hebben geen schrijvers gehad zoals Dickens, Trollope, Shakespeare, Tolstoj, Toergenjev, Poesjkin, Tsjechov, Goethe, Schiller, Lessing, Twain, Highsmith, en hoe die Fransen ook geheten hebben. Maar we hebben toch wel Multatuli, Elsschot, Nescio, Couperus gehad, en die worden nog steeds gelezen, zij het door steeds minder mensen.
    Ik geloof dat Karel van het Reve en Hugo Brandt Corstius ook gelezen zullen blijven worden. Die twee zijn eenvoudig te goed geweest.

  3. Oja, bedankt voor de Tirza-informatie. Ik noemde zomaar een naam van een boek dat ik niet onaardig (dus eigenlijk: om snel te vergeten) vond, maar dat door iedereen prachtig gevonden wordt.

  4. Ja Foxx, daar wreekt zich het feit dat we maar een klein taalgebied zijn. Dus ook kleine oplagen van boeken, dus idioot dure boeken moeten maken. Het is niet anders.
    Toch zullen er wel weer deeltjes Multatuli gaan verschijnen met daarin: Max Havelaar, Woutertje Pieterse, en nog een paar Ideeën.

  5. Ja, dat taalgebied nekt ons, aan beide kanten: de schrijver, die er niet eens aan moet beginnen want niet te doen zonder andere bronnen van inkomsten, en de lezer, die geen herdrukken kan kopen. Dat is wel anders in Frankrijk. Een van de zeldzame punten waarop mijn geboorteland beter scoort dan mijn adoptieland. Frankrijk is sowieso literairder. Er worden jaarlijks nieuwe pockets herdrukt van oude schrijvers, en die kun je op de gekste plaatsen voor een habbekrats kopen. Zelfs op de wikkel van chocolade papillottes (het Kerstsnoep bij uitstek) worden nog citaten van lang geleden gestorven schrijvers gedrukt. Kom daar maar eens om in NL!

    Voor Ben, de Franse equivalenten: Zola, Proust, Beaudelaire, Honoré de Balzac, Flaubert, Camus, Victor Hugo, Stendhal, George Sand (v), etc… etc… etc… (teveel om op te noemen).

  6. *BAUDELAIRE
    Chateaubriand had ik ook absoluut moeten noemen.
    Eentje die ik persoonlijk errug leuk vind, maar dat is weer mijn geheel eigen gek smaakje voor Avontuur & Romantiek, is Alexandre Dumas.

  7. @ OZ. Van je rijtje waardeer ik vooral Flaubert, Balzac en Stendhal. Maar zou je er niet een paar 20ste eeuwers bij kunnen doen, zoals Queneau, Perec en Makine?
    Ik moet verdomd mijn Frans weer eens gaan ophalen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *